De gnosis en denkers en dichters – ‘De Universele Gnosis’ van Dante, Bacon, Boehme en Whitman

BESTEL DE UNIVERSELE GNOSIS

Keer op keer, al jaar in jaar uit, maken wij u duidelijk, dat de roep tot transfiguratie geen vondst is van de dienaren van de School van het Rozenkruis, doch de roep van de beginne. En keer op keer vestigen wij uw aandacht op de gewijde en heilige taal van alle tijden, om onze mededelingen te bewijzen en kracht bij te zetten. 

Doch gezien het feit, dat het nu juist de heilige taal is, die het voorwerp van aandacht en verminking is van de kerkelijke magie, kan het zo zijn, wanneer wij ons gezichtspunt op de heilige taal voor ue uiteenzetten, dat u zegt: ‘Ja, dat is uw visie, maar hij of zij meent een ander standpunt te moeten huldigen’. 

En zo gaat u dan de verschillende opvattingen tegen elkaar afwegen, en gaat u zich verliezen in allerlei bespiegelingen en vergelijkingen, waardoor u onherroepelijk het spoor bijster zult raken. Ook de enorme hoeveelheid ideeën is een methode van de hiërarchie (van deze wereld), om u als haar slaaf vast te houden. Toch laten wij niet los in onze poging u te wekken. En daarom willen wij ter onderstreping van ons betoog nu niet bepalen bij de gewijde taal, doch bij dichters en denkers, die van de onomstotelijke waarheid en noodzaak van de transfiguratie gesproken en getuigd hebben. 

U begrijpt dat we terzak in geen enkel opzicht volledig kunnen zijn. we doen slechts een greep, zo hier en daar, om uw aandacht op deze grote getuigen te vestigen, zodat u ze zelf nader zult kunnen bestuderen als u zich daartoe gedreven voelt. Het is ons bedoelen u andermaal te richten op het heilige doel, dat voor de verstandigen en wijzen van deze wereld verborgen is. 

Er wordt niet van u verwacht, dat u de gehele volheid van het goddelijk leven als in een oogwenk zou omvatten. Het gaat om de herstelde binding, om een nieuw geborene te worden. En als u nog in de eerste windselen van het nieuwe kindschap geborgen bent, dan bent u reeds meer waard dan iemand met het grootste bewustzijnsbezit begrepen naar deze natuur, want u kent allen het woord: ‘Wat voor de wijzen en verstandigen van deze natuur verborgen is, is voor de kinderen van God geopenbaard.’

Zo vestigen wij dan allereerst uw aandacht op Dante, de grote middeleeuwse dichter. Velen van u hebben misschien het meesterwerk van Dante, de Divina Commedia in hun boekenkast staan. En velen van u zullen er waarschijnlijk ook in gelezen hebben. Doch hebt u ooit verstaan, dat deze Divina Commedia een onbesmeurd, waarachtig gnostiek werk was? Hebt u ooit begrepen, dat de Divina Commedia een werkelijke weg tot heiligmaking tot ontwikkeling brengt?

Het verslag van Dante, van hel, louteringsberg en paradijs is maar niet een willekeurige, dichterlijke, fantastische droom, doch de levende belichaming van het gehele pad van de transfiguratie. In de inferno, de hel, schildert Dante de hel van het dialectische leven, en zijn gevolgen. In de purgatorio, de louteringsberg, geeft hij weer, op welke wijze de geestnucleus vrij kan worden gemaakt als basis van het nieuwe leven, door zelfversterving. En in zijn paradiso stelt Dante ons het koninkrijk van God. Wie deze werken bestudeert in het licht van het innerlijk-nog-geschikt zijn, ervaart een volkomen klare weersiegeling van de universele leer.

Als u werkelijk, wat men noemt een belezen mens bent, en het geesteslicht nog in u kan doordringen, is het nagenoeg onbegrijpelijk, dat u de boodschap van de Divina Commedia nog niet zou hebben verstaan en de schat daarin nog niet hebt gepuurd. Er zijn in de Divina Commedia drie primaire figuren: Virgilius, Dante en Beatrijs. 

Dante is de worstelende microkosmos, het gehele stelsel, dat op een gegeven moment zichzelf in de ballingschap van de dialectiek ontdekt en getroffen wordt door de roep van de gnosis. Virgilius is zijn dialectische zelf, het echte ik-van-de-natuur, het dialectisch bewustzijn. Geleid door Virgilius, trekt Dante door het inferno en ontdekt hij deze wereld in haar hellestaat en gebroken realiteit. 

En geleid door Virgilius dringt Dante door in de Purgatorio, de wereld van de zelfversterving. En wanneer hij dan deze louteringsberg tot aan de hoogste toppen beklommen heeft, doorleden en begraven heeft, dan laat Virgilius hem alleen. Immers, het aardse zelf, het ik-van-de-natuur moet sterven, het kan het nieuwe land niet betreden. Johannes moet ondergaan daar waar Jezus verschijnt. 

En ziet, zodra Virgilius is verdwenen staat voor Dante de Andere, Beatrijs. Beatrijs betekent: de gelukkigmakende; inderdaad, de ware hemelse Andere, de nieuwe gestalte die verschijnt wanneer het aardse zelf verdwenen is, is de eeuwige vreugde zelf! Beatrijs is de gnosis, de eeuwig gelukkigmakende.

Graag zouden wij u overde wonderbaarlijke Divina Commedia nader en meer uitvoerig schrijven, maar de tijd dringt enu moet zelf doorbreken tot het licht. Daarom wijzen wij u slechts even op Francis Bacon (fakkeldrager van het Rozenkruis 4, de grote figuur achter Shakespeare) en op Jacob Boehme (fakkeldrager van het Rozenkruis 7) en op Walt Whitman, drie willekeurige grepen uit de grote, lange rij van transfiguristische getuigen, die alle de waarheid en de onomstotelijkheid van de Divina Commedia bevestigen.

De mens die ‘de andere’ heeft ontmoet, is volgens Bacon de rijkaard, die door middel van de sleutel steeds de beschikking heeft over zijn eeuwige schatten. De geestesschool wil u steeds de sleutel, die ontbrekende draad, weer in handen geven. Want zelf moet u de sleutel hanteren. 

Daarom zegt Boehme: ‘Geestelijke kennis kan niet door het ene intellect aan het andere meegedeeld worden, men moet haar zelf zoeken in de geest van God.’ En Whitman bevestigt dat woord met zijn ‘wijsheid kan niet worden overgedragen van de één die haar bezit, op de ander, die haar niet bezit’. Daaruit blijkt eens te meer, hoe alle filosofie speculatie is. Wie niet doorgebroken is tot het licht, bezit niets en kan niets.

De leerling moet boven alle dialectisch weten uitstijgen tot de verborgen omgang met God. Alleen wanneer hij Beatrijs gevonden heeft, gaat hij het paradiso binnen en wordt hij één met de gnosis. Daarom laat de leerling alles achter, breekt hij met zijn gehele begoochelingsleven en zegt hij van binnen uit, evenals de oude klassieke Spaanse verlichte ‘Sint Jan van het Kruis’:

‘En zo u luisteren wilt,
de hoogste wijsheid ligt
in het wezen van God zelf.
Een blijk van zijn genade is het,
van alle begrijpen en weten van de natuur
te worden verlost.’

 

WOORD VOORAF VAN DE UNIVERSELE GNOSIS

Bijgaande twintig brieven, gericht aan al onze bekende en onbekende geestverwanten, bieden wij u hierbij aan, in de hoop dat velen het pad tot de Universele Gnosis mogen vinden.

Er is door de Universele Broederschap een activiteit ingezet om over de gehele wereld de belangstelling voor deze eonenoude, alomvattende wijsheid te wekken. Aan deze activiteit ligt de bedoeling ten grondslag de eeuwige waarheid met grote kracht de duisternis van deze wereld in te zenden, alvorens de huidige mensheidsperiode een wetmatig einde zal nemen.

Opgravingen en andere ontdekkingen zullen de stem van de wereldwerkers vergezellen. Vele publicaties over de Gnosis zullen het licht zien. De gehele mensheid zal in de gelegenheid worden gesteld haar houding ten opzichte van de onvergankelijke waarheid nadrukkelijk te bepalen, zoals het in de gang der dingen is vastgelegd, en opdat vervuld zou worden al hetgeen in de heilige taal van alle tijden gesproken werd.

Jan van Rijckenborgh
Catharose de Petri

INHOUD VAN DE UNIVERSELE GNOSIS

Woord vooraf

  1. De ware en de valse Gnosis
  2. Paulus en de Gnosis
  3. De Heilige Geest en de Gnosis
  4. Het slangevuur en de Gnosis
  5. De Gnosis van de Pistis Sophia
  6. De Gnosis en de Kerk
  7. De Gnosis en dichters en denkers
  8. De Gnosis als het oerprana
  9. De Gnosis en de regeneratie van de gehele natuur
  10. De neerdaling van de zeven stralen van het oerpranische licht
  11. De zeven bevrijdende handelingen (i)
  12. De zeven bevrijdende handelingen (ii)
  13. De zeven bevrijdende handelingen (iii)
  14. De zeven bevrijdende handelingen (iv)
  15. De wondere hof van Gethsémané
  16. Het mysterie van het endura
  17. De glorievolle opstanding
  18. De wonderbare visvangst
  19. Het net van de visser
  20. Het compendium

Bron: De Universele Gnosis door J. van Rijckenborgh en Catharose de Petri

BESTEL DE UNIVERSELE GNOSIS

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *