Categorie archief: rozenkruisers

Michael Maier: lijfarts van keizer Rudolf II en verdediger van de rozenkruisers

Michael Maier (1568-1622) werd in 1568 in Rendsburg, Holstein, geboren. Hij studeerde later filosofie en medicijnen in Rostock, Frankfurt en Padua. Daarna ging hij naar Bazel, waar hij een doctoraat in de medicijnen behaalde. Rond 1599 raakte hij geïnteresseerd in alchemie. In 1608 vertrok hij naar Praag, waar hij Lees verder

Robert Fludd: eerste verdediger van de rozenkruisersmanifesten

De eerste verdediger van de rozenkruisersmanifesten in Engeland was Robert Fludd (1574-1637), alias de Fluctibus, of Otreb. Fludd begon medicijnen en natuurkunde aan het St. John’s College te studeren in 1591. Hij reisde door Europa vanaf 1598 en keerde in 1605 in Engeland terug, waarna hij lid van het College of Physicians in Londen werd. Als navolger van Paracelsus, had hij ook een mystieke invloed op zijn patiënten. Zijn vakgenoten, maar vooral de theologen, probeerden hem in diskrediet te brengen omdat hij geen enkele godsdienstvorm erkende en voor zichzelf en anderen algehele vrijheid opeiste. Hij staat ook bekend als een groot alchemist. 

Reeds in 1616 had Fludd zijn Apologia Compendiaria F.R.C. doen verschijnen, een verdediging van het gedachtegoed van de Broederschap van het Rozenkruis. In de Apologia verwijst hij naar de oude wijsheidstradities, in het bijzonder het Corpus Hermeticum en de Tabula Smaragdina van Hermes Trismegistus. Robert Fludd zag de broeders van het rozenkruis als erfgenamen van deze traditie. 

Hij had de Fama en de Confessio gelezen en hij beschouwde hen als ware christenen. Hij vond ook dat de wetenschappen vernieuwd moesten worden en daarom vroeg hij hun dringend om deel te mogen nemen aan hun werkzaamheden. 

In deze tijd werd hij ook bezocht door de Duitse alchemist Michael Maier, die hem waarschijnlijk op de hoogte had gebracht van de rozenkruisersmanifesten. Na diens terugkeer naar Duitsland onderhielden ze nog lange tijd een levendige correspondentie. Behalve de Apologia, waren Summum Bonum (1629) en Clavis Philosophiae (1633) belangrijke werken van Fludd. Summum Bonum bracht hij in Duitsland uit, in Frankfort, onder het pseudoniem Joachim Frizium. Het was dus kennelijk niet ongewoon dat een Engelsman een werk van zijn hand in Duitsland publiceerde, en bovendien nog onder pseudoniem. 

Bron: Het mysterie rond Francis Bacon van Jaap Ruseler

De verbreiding van de Fama Fraternitatis R.C. in vele vertalingen – artikel van Carlos Gilly in ‘De Roep van het Rozenkruis’

De auteur van de manifesten van de rozenkruisers, geschreven tussen 1607-1609, had oorspronkelijk blijkbaar de bedoeling om de geleerden in Europa de Fama Fraternitatis oder Brüderschafft des hochlöblichen Ordens des Rosenkreutzes ‘in vijf spraken’ toe te sturen. Maar nog voordat Johann Valentin Andreae, Tobias Hess en hun vrienden zich aan de geplande vertalingen konden zetten en het tijdstip voor bekendmaking van de manifesten gunstig werd geacht, moeten zij hebben gehoord dat kopieën ervan inmiddels druk circuleerden onder lieden buiten hun engere vriendenkring in Tübingen. Het eerste historisch gedocumenteerde afschrift van de Fama Fraternitatis buiten Tübingen dook Lees verder

Zogenaamde rozenkruisers in Parijs in 1623 – mededelingen van bibliothecaris Gabriel Naudé

De meer of minder nauwkeurig vertaalde manifesten van de klassieke rozenkruisers werden al gauw over de grenzen verspreid. Zo kon men in augustus van het jaar 1623 op heel wat muren in Parijs een affiche hierover aantreffen. Gabriel Naudé (1600 – 1653) bericht het volgende in zijn erudiete en Lees verder

Illustraties van Johfra bij de Alchemische Bruiloft van Christiaan Rozenkruis

De kunstenaar Johfra (1919 – 1998, Franciscus Johannes Gijsbertus van den Berg) maakte illustraties over ‘De Alchemische Bruiloft van Christiaan Rozenkruis, dat in 1616 in druk verscheen. Hieronder volgen de afbeeldingen en de bijbehorende tekstgedeelten. 

1. De avond voor Pasen

Ik volhardde in mijn meditatie, totdat iemand mij op de rug tikte, waarop ik niet bedacht was. Daarvan schrok ik dermate, dat ik nauwelijks durfde omkijken; maar ik bewaarde mijn opgewektheid, voor zover menselijke zwakheid dat in dergelijke omstandigheden toelaat. Daar er echter herhaaldelijk Lees verder

De droom van Christiaan Rozenkruis tijdens de eerste dag van de Alchemische Bruiloft

Nauwelijks sliep ik of ik kreeg het gevoel dat ik in een duistere gevangenistoren lag, naast ontelbare andere mensen, aan zware ketenen geklonken. Wij waren zelfs van het zwakste lichtstraaltje verstoken en kropen als bijen over elkaar heen, waardoor wij elkaars ellende nog vergrootten. Ofschoon noch ik, noch een der anderen in het stikdonker iets kon zien, hoorde ik toch steeds hoe de een zich boven de ander trachtte uit te werken, als zijn ketenen of boeien ook maar iets lichter waren. Afgezien daarvan had geen van Lees verder

Overzicht van historische rozenkruisers en rozenkruis-organisaties vanaf de 18e eeuw

BESTEL DE ROEP VAN HET ROZENKRUIS

Achterin het boek ‘De roep van het Rozenkruis – vier eeuwen levende traditie’ is een uitvouwbare bijlage opgenomen met een overzicht van Rozenkruisers en Rozenkruisersgezelschappen vanaf de 18e eeuw. Hieronder is de tekst weergegeven.

ROZENKRUISERS IN DE 18e EEUW

  • 1710, Brüderschaft de Ordens des Gülden und Rosen-Creuzes of Gouden Rozenkruisers: Sincerus Renatus (=Samuel Richter). Statuten van de (vertaald uit het Italiaans). Vermeende broederschapshuizen in Neuenberg, Ancona, Amsterdam. 
  • 1722-1770 ‘Imperator Fraternitatis Reseae et Aureae Crucis’, Friedrich Stein in Utrecht, Johann Carl von Fridau en Abraham von Brün in Hamburg, Tobias Schulze in Amsterdam.
  • 1737 L.C. Orvius bericht over een rozenkruisersgezelschap dat zich in 1622 in Amsterdam gevestigd zou hebben. Hun statuten komen Lees verder

Beknopte levensbeschrijving van Tobias Hess – belangrijke inspirator achter de manifesten van de rozenkruisers


BESTEL FAMA FRATERNITATIS

Tobias Hess (1558-1614) is een belangrijke inspirator achter de drie klassieke manifesten van de klassieke rozenkruisers, die in druk verschenen in 1614, 1615 en 1616. 

Het zou uiteraard volstrekt onjuist zijn de gecompliceerde persoonlijkheid van Tobias Hess te willen beperken tot het chiliastische aspect daarvan (gericht op de eindtijd) . Door de enorme stralingskracht die van deze diep religieuze en veelzijdig begaafde mens moet zijn uitgegaan, werden doorlopend de schranderste studenten en enkele van de vermaardste professoren van de universiteit van Tübingen aangetrokken. Ook nadat laatstgenoemden reeds lang afstand hadden genomen van Lees verder

Het blijspel in het Zonnehuis – een gedeelte uit de vierde dag van de Alchemische Bruiloft van Christiaan Rozenkruis

In het  inwijdingsgeschrift van de klassieke rozenkruisers – De Alchemische bruiloft van Christiaan Rozenkruis – wordt op de vierde dag van de zeven dagen een blijspel opgevoerd met diepzinnige betekenissen. Hieronder volgt de tekst uit de genoemde myserieroman.

Eerst verscheen er een oude koning met verscheidene dienaren. Voor zijn troon werd een klein kistje geplaatst, met de mededeling dat men het op het water had gevonden. Toen men het opende bevond er zich een mooi kind in, alsmede enige kleinodiën en een verzegeld perkamenten briefje, dat aan de koning gericht was. De koning opende het terstond, maar weende toen hij van de inhoud kennis had genomen. Hij deelde hierop Lees verder

Johann Valentin Andreae: de auteur van de manifesten van het Rozenkruis – inleiding door Carlos Gilly

De Chymische Hochzeit uit 1616 is het enige geschrift van het Rozenkruis waarvan Johann Valentin Andreae (in zijn Vita) zelf uitdrukkelijk het auteurschap heeft toegegeven. In de Vita gaf hij eveneens te kennen de enige auteur van de Theca te zijn, hetgeen tevens inhield dat hij ook de auteur van de Confessio Fraternitatis was. Dat hij ook moet worden aangemerkt als auteur van de Fama Fraternitatis wordt tegenwoordig nauwelijks nog bestreden, maar dient nog altijd te worden bewezen.

De in de Fama vervatte ideeën zijn uiteraard niet alleen afkomstig van Andreae, maar dienen eerder te worden gezien als een gemeenschappelijk werk van Tobias Hess en diens vertrouwdste vrienden. De homogene redactie van de tekst, vele formuleringen, en in het bijzonder de Latijnse zinswendingen laten echter maar één slotsom toe, namelijk dat Lees verder