De Alchemische Bruiloft van Christiaan Rozenkruis zoals kort toegelicht en samengevat door Jaap Ruseler

In De Alchemische Bruiloft van Christiaan Rozenkruis wordt de grote vernieuwing geschetst die in de mens zelf zal moeten plaatsvinden, waardoor wat in het kader van The Great Instauration van Francis Bacon ingezet is met betrekking tot alle kunsten en wetenschappen op een hoger niveau kan worden getild. Het betreft dus geen uiterlijke vernieuwing op basis van het intellect, het hoofd, maar een innerlijke vernieuwing op basis van de herstelde eenheid van hoofd en hart. Het vernieuwingsproces is een alchemisch proces dat plaats moet vinden in de mens zelf, waarbij symbolisch lood wordt omgezet in goud in de Nieuwe Mens. 

Over de titel van De Alchemische Bruiloft van Christiaan Rozenkruis zegt J. van Rijckenborgh: ‘Het gaat om een transfiguratieproces, om de herschepping van het gehele wezen; om een opgaan ín, een huwelijk mét het oorspronkelijke levensveld, door transfiguratie. Om met dit feest te kunnen beginnen, moet men ertoe geboren zijn.’

In De Alchemisch Bruiloft is dit herscheppingsproces verdeeld in zeven dagen, die de stadia van het inwijdingsproces weergeven. Christiaan Rozenkruis vertelt het verhaal in de ik-vorm, als een persoonlijke ervaring. J. van Rijckenborgh beschrijft deze inwijdingsweg aan de hand van symbolen en beelden uit het geschrift zelf, waaruit blijkt dat deze weg van inwijding identiek is aan de christelijke inwijdingsweg. Hij maakt daarbij gebruik van een moderne beeldspraak die hem in staat stelt de inhoud van het boek toegankelijk te maken voor de mens van deze tijd. 

Zo is bijvoorbeeld de Toren van Olympus met zijn zeven verdiepingen, zalen en tempels een uitbeelding van de zevenvoudige samenstelling van de mens. Water, brood en zout zijn krachten die nodig zijn voor de verandering van het menselijke wezen. De koninklijke paren, jonkvrouwen en pages zijn eveneens de in de mens werkzame toestanden en eigenschappen. Alchemische processen duiden op processen die zich afspelen in de mens, die de transfiguratie van zijn oude wezen in een nieuwe staat van bewustzijn voltrekt. 

  1. De eerste dag. Het proces begint met de uitnodiging tot de ‘alchemische bruiloft’, dat wil zeggen: een mens voelt zich geroepen tot de opstanding, tot een bewuste ervaring van de geest, tot de vereniging van zijn onsterfelijke ziel, de bruid, met de geest, de bruidegom. Hij weet dat hij volgens zijn oude wezen deze weg volkomen onwaardig is, maar hij begeeft zich niettemin op weg, vertrouwend op de wijsheid van de geest. Een droom doet hem zijn situatie, en die van de mensheid, duidelijk inzien: de mens bevindt zich op de bodem van een duistere put, waarin het licht van de geest naar binnen valt. En het gaat erom zich door de afgezanten van het licht omhoog te laten trekken. 
  2. De tweede dag. De tweede fase van het pad bestaat uit een telkenmale opnieuw kiezen tussen licht en duisternis, uit het langzamerhand opnemen van de nieuwe levensenergieën en levenssubstanties en volgens nieuwe levensbeginselen te gaan leven. Daardoor ontwikkelen zich stelselmatig nieuwe eigenschappen en structuren van ziel en lichaam. 
  3. De derde dag. In de derde fase moet blijken of deze ontwikkeling ver genoeg voortgeschreden is en voortbouwt op de juiste fundamenten. Om dat na te gaan wordt de kandidaat onderworpen aan een zevenvoudige beproeving. Als hij deze beproeving van de ‘zeven gewichten’ doorstaat, dan verkrijgt hij een inzicht in de geestelijke wereld. 
  4. De vierde dag. Na een reorganisatie van het lichaam, verplaatst tijdens de vierde fase de werkzaamheid zich naar het hoofd, waar zich het centrum van het bewustzijn bevindt. Nu moeten de zeven beginselen van het oude bewustzijn, voorgesteld door koningen, ‘sterven’, om plaats te maken voor een nieuw bewustzijn.
  5. De vijfde dag. Wanneer ze gestorven zijn, kan de vijfde fase een aanvang nemen. In de benedenverdieping van de Toren van Olympus, die overeenkomt met het stoffelijke lichaam van de mens, arbeidt de alchemist aan de verandering van zijn wezen. Aan zijn vroegere levenservaringen ontleent hij de essenties van het inzicht, die hem een nieuw leven mogelijk maken. De basis van dit nieuwe leven is de kracht van de goddelijke liefde, waarvan hij de bron als ‘Vrouwe Venus’ in het hart ontdekt. 
  6. De zesde dag. De zesde fase omvat het stap voor stap verplaatsen van het bewustzijn uit de stoffelijke wereld naar het etherische gebied, de tweede verdieping, vervolgens naar het astrale gebied, dan naar het mentale gebied, enzovoort, steeds op basis van de geest, waarna de opstanding van de onsterfelijke mens een feit kan worden. 
  7. De zevende dag. Op de zevende dag trekt Christiaan Rozenkruis als een ridder van de gouden steen de wereld van de geest binnen, hoewel hij met de aardse wereld verbonden blijft. Als ‘poortwachter’ heeft hij de taak alle mensen, die evenals hij de weg van de inwijding bewandelen, behulpzaam te zijn. 

Bron: Het mysterie rond Fancis Bacon door Jaap Ruseler

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *