De ster der hoop en vervulling – hoofdstuk 1 en inhoudsopgave van ‘Het zegel der vernieuwing’ van Catharose de Petri

BESTEL HET ZEGEL DER VERNIEUWING

Catharose de Petri (fakkeldrager van het Rozenkruis 22) doet met weinig woorden werelden doen opengaan in haar boekje ‘Het zegel der vernieuwing’, deel 2 van de Rozenserie. Daarbij weet zij de evangelische teksten in een verrassend nieuw licht te plaatsen; zó dat men de gnostieke boodschap die in de heilige taal besloten ligt, duidelijk verstaat. 

Wij stellen er prijs op u in te leiden in de meer interne aangelegenheden van de Geestesschool van het Gouden Rozenkruis. Velen van u staan nog heel jong in de arbeid van de School van de Jonge Gnosis en voor hen in het bijzonder is het zeer zeker nuttig en noodzakelijk, dat ook zij een beeld verkrijgen van de ontwikkelingsgang van onze School, opdat allen de brede basis daarvan enigermate zullen kunnen overzien.

De werkplaatsen en brandpunten, die in het Gnostieke Rijk nodig zijn om het grote plan, dat aan alles ten grondslag ligt, te kunnen uitvoeren, zijn inmiddels in gebruik genomen. De Geestesschool van de Jonge Gnosis is nu in staat de haar opgedragen taak geheel te gaan vervullen. Om echter in te zien wat dit alles ons te zeggen heeft, en welke ontzaglijke gevolgen hiermee verbonden zijn, diene het volgende.

Het is allereerst noodzakelijk u te zeggen dat alle Broederschappen die deel uitmaken van de Universele Gnostieke Keten, volwaardige Broederschappen zijn. Dat wil zeggen dat zij in hun tijd van dienst niet slechts hun evangelische zending hebben vervuld door het roepen van mensen tot het bevrijdende leven en hen daarin voor te gaan, doch dat zij tevens in staat waren hun oogst volledig thuis te brengen in de oorden van bevrijding. 

Daartoe moesten al deze Broederschappen, zoals vanzelf spreekt, een ontwikkelingstijd doormaken, een tijd die langer of korter duurde, naarmate de betrokken Broederschap in staat bleek haar opdrachten te vervullen. Zolang die volledigheid nog niet was bereikt, werd iedere Broederschap bij het vervullen van haar taken geholpen door de aan haar voorafgaande Broederschap, die daardoor, het spreekt van zelf, in haar voortgangen belemmerd werd, omdat iedere voorgaande Broederschap eerst dan in een nieuw arbeidsveld kan opgaan, als een opvolgende Broederschap de arbeid in de natuur des doods geheel kan overnemen.

Zulk een overneming maakt het noodzakelijk dat de opvolgende Broederschap in volledige zin een vijfvoudige Broederschap zal zijn, zal kúnnen zijn. Of, mystiek gesproken: de opvolgende Broederschap zal de ster van Bethlehem moeten doen stralen boven de duistere landen van de natuur des doods.

Wat is nu in praktische zin een vijfvoudige gnostieke Broederschap? Ten eerste moet zulk een Broederschap een instituut bezitten en dit ook praktisch kunnen belevendigen, dat met het zoekende publiek in aanraking kan komen, en dus mensen kan vissen uit de levenszee. Wij bezitten dit instituut in ons Rozenkruisers Genootschap, zoals u weet (sinds circa 1990: Oriëntatie-activiteiten).

Ten tweede dient de Broederschap een instrument te bezitten met behulp waarvan allen die tot de School komen methodisch kunnen en zullen worden ingeleid in de kennis des heils. Zó worden ingeleid, dat ook de middelmatige leerling geen andere uitweg meer ziet dan op het pad van bevrijding te treden, door zelfovergave. Wij bezitten zulk een instrument in het Lectorium Rosicrucianum.

Ten derde zal de Broederschap de beschikking moeten hebben over een organisch middel om allen die waarlijk willen en dat bewijzen, binnen de kortst mogelijke tijd tot zelfovergave, tot ikloosheid te voeren, zodat door zielegeboorte praktische deelneming aan het innerlijke leven mogelijk wordt. Wij bezitten zulk een middel in onze Hogere Bewustzijns School, waarin het praktisch mogelijk is binnen drie jaren deze schone en heerlijke overwinning te vieren.

Ten vierde zal de Broederschap een uitgelezen schare van dienende helpers en helpsters dienen te bezitten, die op gnostiek-magische wijze voorzien in de noodzakelijke circulatieprocessen van nieuwe levensfluïden, waaruit en waardoor het gehele Levende Lichaam van de noodzakelijke krachten wordt voorzien om waarlijk te kunnen leven. Wij bezitten zulk een priesterlijke schare in onze Ecclesia, die met dit heerlijke werk dagelijks doende is.

En ten vijfde is er een organisme, dat onder andere functioneert in het nieuwe astrale veld van het Gnostieke Rijk om alle broeders en zusters die daarvoor in aanmerking komen, daar binnen te leiden en in het bevrijdende leven van het nieuwe zielenrijk te stellen. Anders gezegd, in de taal van het gnostieke evangelie van de Pistis Sophia: er dient een volledige soepel werkende Dertiende Eoon te zijn. De jonge Broederschap heeft de beschikking over zulk een organisme in haar Gemeenschap van het Gouden Hoofd.

Zo wordt het duidelijk, dat de jonge Gnosis nu volkomen volwassen geworden is en aldus de voorgaande Broederschap van vele zorgen heeft vrijgemaakt. De ster van Bethlehem staat sedert het moment van deze volwassenheid opnieuw te stralen. Een ster van hoop en vervulling! Want er existeert sedert kort een nieuwe, volwaardige, gnostieke Geestesschool. Een nieuwe schare van volmaakten maakt zich op, om in de landen van duisternis rond te gaan tot haar taak van hoofd en hart en handen. Aldus is de jonge Gnosis een mysterieschool geworden naar haar primaire roeping, gelijkwaardig aan alle voorgaande scholen van de universele keten.

Voorwaar een reden om onze stemmen te heffen in dank, aanbidding en blijdschap, dat wij na lange en dikwijls zo bange jaren deze taak tot een goed einde mochten voeren. Doch er is meer, veel meer!

Wanneer een vijfvoudige gnostieke Broederschap waarlijk tot zulk een taakvervulling gereed is gekomen, heeft zij de vrijheid al de tot haar komenden thuis te brengen. Dit is een van de aspecten van het Duizendjarige Rijk. Een Duizendjarig Rijk is een periode waarin een Broederschap, beschermd door de drie primaire stralen van de Zevengeest, in haar praktijk én in haar arbeid geen belemmering zal kunnen ondervinden, van welke werkzaamheid dan ook, die in de natuur des doods tot ontwikkeling zou komen om de oogst van de kinderen Gods te wederstaan of teniet te doen. Wij hopen dat u dit alles zult kunnen inzien, óf enigermate zult kunnen aanvoelen, om de belangrijke tijd die wij nu zijn binnengegaan te kunnen bevroeden.

Als een gnostieke Broederschap erin slaagt, gereed te komen met de bouw van haar citadel in het vijandelijke land, wordt haar de macht gegeven de actieradius van de oude slang tijdelijk in te kapselen, opdat zij ongestoord haar zending zal kunnen volbrengen. Zulk een periode heeft ontzaglijke gevolgen. Als u het goed voor u ziet, is er nu een beschermde weg tot stand gekomen, een veilige weg, voerend van beneden naar boven, doch eveneens van boven naar beneden. Dat wil onder andere zeggen dat vele gevangenen in de spiegelsfeer, vele horigen van de spiegelsfeer, en ook velen die in bepaalde toestanden-van-zijn hun ontwikkeling niet konden voortzetten, omdat hun microkosmos niet ontledigd kon worden, nu in de gelegenheid kunnen worden gesteld het bevrijdende leven deelachtig te worden.

Er zijn bijvoorbeeld duizenden nog niet vrijgemaakte zielen, die in de afgelopen zevenhonderd jaren, nadat de voorgaande Broederschap zich uit de stofsfeer heeft moeten terugtrekken, ter dood gebracht zijn om het getuigenis van Jezus, of om het woord Gods; mensen die destijds het beest der dialectiek en al zijn fantomische en eonische beelden principieel hebben afgewezen, en als zodanig rein zijn van doodzonden, en grote diensten aan de mensheid hebben bewezen. Doch omdat al die waardevolle broeders en zusters niet het merkteken-van-bevrijding, de zielesignatuur, bezaten, konden zij na hun heldendood niet de wereld van de levende zielestaat betreden.

Hun offer voor wereld en mensheid, hun nameloze liefde voor allen die zo bitter lijden moesten in de natuur des doods, was evenwel zo groot, dat zij microkosmisch niet ontledigd konden worden en daardoor de weg van alle andere stervelingen niet konden gaan. Zij verkeren in een domein dat kan worden aangeduid als een grensgebied tussen het zesde en zevende kosmische gebied.

Velen van hen, die daarvoor ook maar enigszins in aanmerking kwamen, werden reeds door de voorgaande Broederschap verlost en ingetild in het bevrijdende leven. Doch de anderen moesten wachten. Wachten, omdat de toestanden in de stofsfeer het niet mogelijk maakten de betrokken microkosmoi opnieuw te doen incarneren, hetgeen, gezien hun krachtpotentieel, opnieuw een groot en onverdiend lijden zou veroorzaken. Daarom moesten deze zielen wachten tot de voorwaarden zouden zijn geschapen die nu in de jonge gnostieke Broederschap gerealiseerd zijn.

Thans kunnen dezulken indalen in de tijd en via het heerlijke en snelle pad van gnostieke inwijding het eeuwige Vaderhuis betreden. Het ligt dan ook voor de hand dat de groep die het Levende Lichaam bevolkt, en in de naaste toekomst zál bevolken, het aanzijn zal schenken aan nieuwe, komende generaties van zeer uitzonderlijk gehalte.

Er zullen binnen de eerstvolgende tien tot twintig jaren mensen in de groep van de jonge Gnosis geboren worden die jong reeds duidelijk blijk zullen geven van hun positieve gerichtheid en hun mogelijkheden. Zij zullen, jong van jaren, vele ouderen beschaamd maken, doch ook sprakeloos verheugd, vanwege de vaart en de voortgang die zij zullen veroorzaken in de gehele groep.

Wij behoeven ons dan ook over de toekomst van de School niet meer ongerust te maken. De tocht naar het nieuwe Jeruzalem zal door steeds meerderen en door steeds sterkeren met vreugdegezang worden ondernomen en volbracht. De zegen van de Gnosis zal zich langdurig bewijzen.

INHOUD

Ten geleide

  1. De ster der hoop en vervulling 
  2. Geest en Heilige Geest
  3. Het woord van het gnostieke verbond
  4. De ene weg ten leven
  5. Inzicht, de eerste trede tot het gaan van het pad
  6. Judas, het type van de humanist
  7. Het licht van de ontdekkende en ontmaskerende Gnosis
  8. Dit gebied ik u, dat gij elkaar liefhebt
  9. Laven wij ons aan het wijsheidslicht
  10. De zeven treden van de nieuwe ziele-wording
  11. Het hogepriesterlijke gebed (i) Wie het licht kent, gaat van glorie tot glorie
  12. Het hogepriesterlijke gebed (ii) De naam van de Gnosis geopenbaard. 
  13. Het hogepriesterlijke gebed (iii) Onvatbaar voor den boze 
  14. Het hogepriesterlijke gebed (iv) Heilig u voor allen die nog zoekende zijn
  15. Het hogepriesterlijke gebed (v) De waarachtige Aquarius-mens
  16. De gemeenschap van het Gouden Hoofd
  17. Het transfiguristische evangelie der ware vrijmaking
  18. De witte keursteen

Bron: Het zegel der vernieuwing door Catharose de Petri, Rozenserie deel 2

BESTEL HET ZEGEL DER VERNIEUWING

LEES MEER TEKSTGEDEELTEN UIT DE ROZENSERIE VAN CATHAROSE DE PETRI

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *