Grote omwenteling door verzwakking van archonten en eonen – beschouwingen bij de Pistis Sophia

BESTEL DE GNOSTIEKE MYSTERIËN VAN DE PISTIS SOPHIA

DOWNLOAD THE GNOSTIC MYSTERIES OF THE PISTIS SOPHIA (FREE PDF)

De grote omwenteling waar we ons als mensheid nu in bevinden lijkt al beschreven te staan in het Evangelie van de de Pistis Sophia, dat stamt uit de vierde eeuw. J. van Rijckenborgh verklaart in zijn boek De gnostieke mysteriën van de Pistis Sophia dat het een verschijnsel betreft dat periodiek optreedt, met grote tijdsintervallen. Doordat krachtformaties die bekend staan als archonten en eonen ‘éénderde van hun kracht verliezen’ storten corrupte systemen in elkaar en begint er een nieuwe cultuurgang. Degenen die vanuit innerlijke behoefte het gnostieke pad willen bewandelen zullen daarbij volgens Van Rijckenborgh (fakkeldrager van het Rozenkruis 21) minder belemmeringen ondervinden. De onderstaande gedeelten uit de hoofdstukken 26, 27 en 28 gaan daar dieper op in. 

GEDEELTE UIT HOOFDSTUK 26: DE BLIJDE BOODSCHAP VAN DE GEESTESSCHOOL

U hebt uit onze voorgaande beschouwingen kunnen constateren dat de twaalf zodiakale eonen een drievoudige kracht uitoefenen: 

  • ten eerste op onze planeet, 
  • ten tweede op iedere microkosmos, via het magnetische uitspansel van het aurische wezen,
  • ten derde op de twaalf magnetische punten in het brein van  de persoonlijkheid.

Wanneer nu de kandidaat zich aan de greep van de eonen ontworsteld heeft, zijn twaalfvoudige breingod heeft onttroond en een nieuwe twaalfvoudige magnetische kring in het hoofdheiligdom heeft gerealiseerd, dan zijn de twaalf eonen praktisch van het derde deel van hun kracht beroofd met betrekking tot die ene entiteit die het pad ging. Geen enkele kracht uit de dialectiek kan dan nog macht uitoefenen op die eenling die het pad ging. ‘Vrijgemaakt worden in Christus’,  ‘geboren zijn in God’ en dergelijke mystieke uitspraken in de Bijbel krijgen daardoor wel een zeer diepe en uitzonderlijke betekenis. 

Wie deze eerste fase van het pad, de fase van ik-verbreking in de genade van de roos, te volbrengen weet en het magnetische stelsel van de gewone natuur, waardoor hij gebonden is, vermag te verbreken, is van stonde aan een vrijgemaakte. En hoewel hij existentieel nog volkomen een natuurwezen is en zich dus nog in de wereld en binnen het stelsel van de twaalf eonen bevindt, zal zulk een mens door deze tweede siderische geboorte geen enkele belemmering meer kunnen ontmoeten. Hij is een kind Gods geworden. Hij is voor altijd vrijgemaakt van alle banden. 

Sommige buitenstaanders noemen de wijsbegeerte van de moderne geestesschool een sombere, zware, melancholische leer, doch zou u ook maar één blijde boodschap kunnen bedenken welke boven die van de moderne geestesschool uitgaat? 

Men kan een dergelijke opvatting van buitenstaanders natuurlijk wel begrijpen, omdat het somber en hopeloos moet klinken als de geestesschool zegt: ‘Verwacht niets van deze natuur! Distantieer u daar volkomen van! Besteed er totaal geen energie aan!’ Het moet somber klinken wanneer wij de radicale ikverbreking stellen voor mensen die nog alles van het ik en van deze wereldorde verwachten. 

Doch voor hen die zich de uitgang en de opgang uit dit tranendal kunnen voorstellen en die hun hart op het oorspronkelijke vaderland gevestigd hebben, voor hen is het een mateloze vreugde te mogen vaststellen dat het pad begint met een radicale, volstrekte uitredding. Dat er geen sprake van is dat zulk een uitredding eerst aan het einde van de onafzienbare ontwikkelingsgang in de gnosis verwacht zou moeten worden. Van deze vreugde zouden wij u graag willen doordringen, u ermee willen volgieten. 

Wij baseren ons dus op de zekerheid dat hij, die door de genade van de roos zich de tweede siderische geboorte in de gnosis eigen maakt, door ikverbreking het magnetische stelsel van de eonen, waaraan hij gebonden was, voor zichzelf liquideert. Hij heeft de eonen van het derde deel van hun kracht beroofd, juist dát deel waardoor hij geslachtofferd werd. 

U dient oren te hebben om te horen waarom over deze dingen in de Pistis Sophia gesproken wordt. Wanneer u als eenling het pad gaat, berooft u als zodanig, met betrekking tot uzelf, de eonen van het derde deel van hun kracht. En daarmee zou dan alles gezegd zijn. Als eenling bent u dan vrijgemaakt.

Doch de eonen woeden voort over al uw medemensen en alle archonten der eonen, hun engelen en krachten van alle sferen gaan voort met hun activiteiten, krachtens het systeem van der dialectische natuur. Wat vermag u als eenling tegen deze machten? Hoogstens bent u als een roepende in de woestijn. 

Maar wanneer wij te zamen het pad van vrijmaking gaan en wanneer wij alle vrijgemaakten samenbrengen als een wereldgemeenschap, en wanneer wij alle zoekers van dienst zijn en helpen om zich bij ons te voegen, dan belevendigen wij, zoals u weet, het u welbekende nieuwe magnetische veld. Dan openbaart zich in de gehele dialectische natuur een zeer merkbare niet-dialectische invloed, die alle perfide dialectische invloed tijdelijk lam slaat. Daarom wordt er in de Pistis Sophia gezegd:

Ik heb een derde deel van de kracht van de archonten en van alle eonen genomen en ik heb hun lot en de sfeer waarover zij heersten omgewend, opdat, wanneer de mensen hen zouden aanroepen in hun mysteriën, die de gevallen engelen hun geleerd hebben, teneinde hun boze en schandelijke daden in het mysterie van hun magie te voleinden, zij van stonde aan niet in staat zouden zijn hun schanddaden te voleinden, omdat gij hun hun kracht ontnomen hebt en die van hun sterrenwichelaars, hun helderzienden en hun waarzeggers. Opdat die van nu af aan niet meer in staat zouden zijn komende dingen te voorspellen, omdat gij hun sferen hebt omgewend.’

GEDEELTE UIT HOOFDSTUK 27: DE MYSTERIËN VAN DE DERTIENDE EOON

Door de ontwikkeling van het nieuwe magnetische veld wordt aan alle onzichtbare machten en machtjes het derde deel van hun kracht ontnomen, met het ene en uitsluitende gevolg: een procesmatige en totale ineenstorting van het gehele huidige maatschappelijke leven in al zijn veelvormige geaardheid. Wat men ook zal trachten, nieuw leven zal in deze uiteenvallende ontwikkeling niet meer ingeblazen kunnen worden.

En wanneer de begeesterende invloeden niet meer kunnen toevloeien, zullen de worsteling, het hevige kampen, de voortdurende inspanningen gestaakt worden. Een algemene moedeloosheid, een verbijsterende stilte zal ontstaan, een lethargie zal over de mensheid vallen en zelfs het demonisme moet ophouden met zijn orgiën, omdat de zwartheid gebonden zal liggen.

Zo zal de mensheid, als aan het strand geworpen na een schipbreuk, bij het wrak van het eigen leven en dat van de maatschappij staan. En in het zwijgen van verbazing en ontzetting, een zwijgen stiller dan het graf, zal de ontwikkeling van de zonen Gods zich zeer duidelijk aan ieder openbaren. Allen die waarlijk Christus en zijn rijk hebben gezocht, waartoe bloed en geboorte hen gedreven hadden, zullen nu kracht gaan vragen aan de mysteriën van de dertiende eoon en geen van de oude machten zal het hun kunnen beletten.

Wat zijn de mysteriën van de dertiende eoon? Het zijn de mysteriën van de universele broederschap, die zich in het hart van de natuur des doods bevinden, of, zoals Jacob Böhme (fakkeldrager van het Rozenkruis 7) zegt: ‘Het is Christus, die het hart van de gevallen natuur heeft aangegrepen.’ De dertiende eoon is het universele krachtveld, dat in het vijfde basiselement van de oersubstantie altijddurend aanwezig blijft. U zult nu ook ontdekken welk een ongehoorde en ongewone vlucht het heilige werk in die snel naderende stonde van de wereldhistorie zal nemen.

Vanuit de geestesschool worden deze mysteriën van de dertiende eoon van binnenuit en in een wijd verlangen aangeroepen, doch de vervulling van deze mysteriën gaat angstig traag en gebrekkig. Zolang de tweede siderische geboorte nog niet voltrokken is, worden allen die hunkerend uitzien nog belemmerd door alle andere mysteriën. Daarom zijn de mysteriën van de vervulling in deze natuur nog als een zwak schijnsel.

Wanneer de belemmerende factoren door de geschetste ontwikkeling zullen ophouden te bestaan, zullen de goddelijke mysteriën met ongewone kracht gaan lichten. Tallozen zullen met grote snelheid datgene waarop tevoren slechts hun hart gericht was, kunnen vervullen en realiseren. In het grote zwijgen van de dialectische ineenstorting zal deze glorie een groot aantal misleiden aangorden tot nader contact. En met deemoed en ongehinderd zullen ook zij mee kunnen gaan op het pad van de nieuwe mysteriën. Dan zal het woord vervuld worden, dat de sterken voor de zwakken de genade hebben verkregen. 

Nog moet alles gedaan worden om het nieuwe magnetische veld voldoende sterk te maken, opdat alle hunkerende armen van geest de eerlijke kans van de bevrijding zullen kunnen ontvangen. Daarom worden mensen gevraagd die zich volledig geven om de eigen doorbraak tot de tweede siderische geboorte te mogen vieren. Werk dan zolang het dag is om de mogelijkheden te prepareren, opdat voor de zwakken en misleiden eveneens spoedig de tijd daar zal zijn. Hef u op aan dat bekende woord (uit de Pistis Sophia): 

‘Verheug u en verblijd u, want gij zijt het die de wereld zult redden.’

Door het gehele universum des doods, in alle gebieden van dialectische openbaring, zijn mysteriën van de dertiende eoon gevestigd en werkzaam. Het gehele nieuwe levensveld en het ganse nieuwe ras existeert bij de gratie van deze uitzonderlijke mysteriën en ook wat genoemd wordt het vacuüm van Shamballa. Een weids en goddelijk heerlijk systeem van hulp voor allen die in of buiten het lichaam zijn en zich de universele broederschap toekeren. 

De zeven geopenbaarde mysteriën zullen in juiste samenhang het grote werk in zijn vervulling zeer kunnen bevorderen, dat wil zeggen dat u een zevenvoudige sleutel bezit tot de dertiende eoon. Er is geen sprake van dat u zou behoeven te wachten op meer gaven en hulp van de Heilige Geest. Alles wat u nodig hebt is u in bezit gesteld. En de voornaamste van de te volbrengen activiteiten is het wegnemen van het derde deel van de kracht van de eonen van de natuur. 

Deze ontwikkeling zal de magnetische greep van de natuur-eonen op allen die zoeken zozeer verzwakken dat met oneindig veel minder inspanning dan dit nu het geval is de hunkerenden zullen kunnen worden verlost uit de levenszee. 

GEDEELTE UIT HOOFDSTUK 28: DE SCHEPPING VAN DE DERTIENDE EOON

Het zal duidelijk zijn dat, wanneer de geschetste crisismomenten in de gewone natuur tot ontwikkeling komen en aan alle archonten en eonen het derde deel van hun kracht wordt afgenomen, aan de dertiende eoon niets af te nemen valt, omdat zij geen dialectische magnetische krachten transmuteert. Zij doet de gewone natuur geen geweld aan. Dus wordt zij ongemoeid gelaten, evenals allen die tot haar sfeer behoren. Wanneer dus in de gewone natuur een cultuurgang zich naar beneden buigt, zal de cultuurgang van hen die tot de dertiende eoon behoren zich voortzetten van kracht tot kracht en van heerlijkheid tot heerlijkheid. 

Voor de overige mensheid gaat het wiel neerwaarts tot aan het beginpunt en als dan een nieuwe dag van openbaring zich inzet en de mensheid weer moeizaam haar cultuurgang tegemoet gaat, is toch de situatie in de alopenbaring enigszins anders geworden. Want bij de vorige dag van openbaring was er een grote groep van de dertiende eoon, een groep van vrijgekochten. Deze groep laat de mens niet in de steek, want zij is niet gericht op eigen heil. Dat heil is er reeds! Zelfhandhaving bestaat er niet! 

Deze groep is gericht op hen, die nog van en in de natuur des doods zijn. Zij zendt tot hen boodschappers, profeten en verlichten om hen te roepen. Wanneer deze geroepenen zich dan uit ervaring wenden tot het Johannes-pad, dienen zij slechts hun gemeenschap met die universele gemeenschap te verbinden, zoals een nieuwe schakel aan een keten. 

Zo wordt de universele gemeenschap van de dertiende eoon steeds glanzender en heerlijker, steeds machtiger en geweldiger en wordt de opvaart van de geheiligden steeds gemakkelijker gemaakt. 

INHOUD

Ten geleide
Woord vooraf

boek I van de Pistis Sophia – tekst

beschouwingen

      1. De onkenbare mysteriën
      2. Vijf psychologische processen
      3. De fundamentele verontrusting
      4. De leerling voor de tweesprong
      5. Het openbaringsbewustzijn
      6. De magnetische storm
      7. Een nieuwe hemel en een nieuwe aarde
      8. De aanraking met de Geestesschool
      9. De vurige driehoek
      10. De Meester van de Steen
      11. De archonten der eonen
      12. De Johannesgeboorte
      13. De kracht van de kleine Jao , de Goede
      14. De kracht van de grote Sabaoth
      15. De vijf helpers
      16. Het wonder van het oeratoom
      17. Bloed, vuur en rookdamp
      18. Gij zijt het die de ganse wereld zult redden
      19. De Heer kent ons allen bij name
      20. Het oostelijke en het westelijke venster
      21. Het lichtkleed der vernieuwing
      22. Overwin de gravitatiewet
      23. De archonten, machten en engelen vrezen zeer
      24. De dierenriem – een twaalfvoudige gevangenis
      25. De onttroning van de vier Heren van het Lot
      26. De blijde boodschap van de moderne Geestesschool
      27. De mysteriën van de Dertiende Eoon
      28. De schepping van de Dertiende Eoon
      29. Het einde van de horoscopie
      30. Bezieling ten dode – en bezieling ten leven
      31. Een nieuwe zon en een nieuwe maan
      32. De droefheid van de Pistis Sophia
      33. De invloed van de Authades
      34. Het magnetische conflict
      35. De kracht met de leeuwenkop
      36. Jaldabaoth: vuur en duisternis
      37. Het dertienvoudige berouw
      38. Eerste boetezang: het Mensheidslied
      39. Tweede boetezang: het Bewustzijnslied
      40. Derde boetezang: het Lied van de Ootmoed
      41. Vierde boetezang: het Lied van de Verbrijzeling
      42. Vijfde boetezang: het Lied van de Berusting
      43. Het mysterie van de vijfde boetezang
      44. Zesde boetezang: het Lied van het Vertrouwen
      45. Het mysterie van de drie lichtkrachten
      46. Zevende boetezang: het Lied van de Beslissing
      47. Achtste boetezang: het Lied van de Achtervolging
      48. Negende boetezang: het Lied van de Doorbraak
      49. De muur van de twaalf eonen
      50. De fundamentele oorzaak van ziekte en dood
      51. De stralingskracht Christi
      52. Jakobus, de mens die Gnosis bezit

Bron: De gnostieke mysteriën van de Pistis Sophia van J. van Rijckenborgh

Bron: ‘De gnostieke mysteriën van de Pistis Sophia’ door J. van Rijckenborgh

BESTEL DE GNOSTIEKE MYSTERIEN VAN DE PISTIS SOPHIA