Inleiding Spirituele Kerst door Daniël van Egmond: het wonder van de lichtgeboorte

 

BESTEL HET BOEK ‘SPIRITUELE KERST’

ORDER THE BOOK ‘SPIRITUAL CHRISTMAS’

Tijdens de herfstequinox zijn licht en duisternis precies met elkaar in evenwicht. Daarna begint de invloed van de duisternis almaar toe te nemen en wordt de kracht van het licht steeds zwakker. Rondom de kersttijd is de duisternis het diepst en kunnen we alleen maar in vertrouwen wachten tot het licht opnieuw wordt geboren. Zo ervoeren de mensen van oudsher de afwisseling en strijd tussen licht en duisternis in hun eigen leven.

Toen de dorpen en steden nog niet in kunstlicht baadden, was de toenemende duisternis voor hen bijna tastbaar aanwezig en konden ze niet anders dan vol verlangen wachten op het nieuwe licht. Zij hoorden de verhalen over de wonderbaarlijke geboorte die in een ver verleden in deze duisternis had plaatsgevonden: Gods zoon was geboren op een verborgen plek om de mensheid te bevrijden van de duisternis.

Het licht dat straks weer sterker zou worden, was een teken van die geboorte. Het was niet alleen een uiterlijk licht, maar kon ervaren worden als een innerlijk licht dat de duisternis van het dagelijks leven doorbreekt.

In de christelijke mystieke stromingen werd van oudsher de Kerst altijd al op een spirituele wijze geduid. Of de zoon van God nu wel of niet ooit in Bethlehem op aarde was gekomen is niet zo belangrijk; het gaat erom dat zijn geboorte in ons gaat plaatsvinden.

LEES REACTIES OP SPIRITUELE KERST

Pas met de opkomst van de rozenkruisersbeweging in de 17e eeuw en de toenemende invloed van de geschriften van Jacob Boehme, werd de innerlijke betekenis van Kerstmis steeds vaker buiten de kloostermuren besproken: met Kerst gaat het niet zozeer om het herdenken van een historische gebeurtenis, maar om een wonder dat zich aan ieder van ons kan voltrekken: de geboorte van deze zoon in ons.

De christelijk-theosofische traditie van Jacob Boehme vertelt dat wij, zolang er geen innerlijke transformatie of wedergeboorte heeft plaatsgevonden, in duisternis leven. Wat voor onze gewone ogen licht is, is diepe duisternis voor de innerlijke mens.

Deze traditie benadrukt dat we een radicaal onderscheid moeten maken tussen de uiterlijke en de innerlijke mens. De uiterlijke mens zijn wij, zoals we in ons dagelijks leven functioneren. Onze aandacht wordt voortdurend aangetrokken door onze zintuiglijke ervaringen. Maar bovenal worden we beheerst door de onophoudelijke stroom van gedachten, gevoelens, fantasieën en begeerten.

Hoewel we menen dat wijzelf de bron zijn van deze voortdurende stroom, zijn we niet in staat deze te stoppen. Daaruit blijkt al dat wij door deze stroom worden bepaald, in plaats van dat wij zelf de inhoud van ons bewustzijn bepalen.

Daar dit te vergelijken is met de droomtoestand, benadrukken de meeste tradities dat we in ons dagelijks leven helemaal niet wakker zijn, maar dat we ook overdag nog steeds slapen. Het enig onderscheid met de gewone slaap is, dat we nu wel reageren op allerlei zintuiglijke prikkels. En net zoals we tijdens de slaap menen wakker te zijn, zijn we in onze zogenaamde waaktoestand voortdurend in een soort slaap.

Maar wat of wie is dan de innerlijke mens? Die is de ziel die in ons geboren kan worden. Net zoals Jezus uit Maria geboren werd, kan de ziel uit ons, uiterlijke mensen, geboren worden. Vandaar dat Angelus Silesius, leerling van de christelijk-theosofische en rozenkruiserstraditie, schrijft:

Wat baat het Gabriël, of gij Maria groet,
Indien gij niet aan mij dezelfde boodschap doet?


LEES REACTIES OP SPIRITUELE KERST

Wij kunnen – zoals Maria – leren om ons niet langer te vereenzelvigen met de onophoudelijke stroom van gedachten, gevoelens en verlangens. Maar dat betekent dat wij, uiterlijke mens, wakker moeten worden en bereid moeten zijn te luisteren naar de woorden die Gabriël en andere boodschappers tot ons spreken.


Levend in onze duisternis, maar wakker geschud door deze boodschappers, leren we vol overgave te zeggen: “mij geschiede naar uw woord”. Vandaar dat Angelus Silesius zegt:

God zelf heeft God gebaard, zal hij hem in u baren,
Zo moet uw wil zich eerst daartoe bereid verklaren.

Als gij het Eeuwige Woord in u wilt horen spreken,
Laat dan het mensenwoord de stilte niet verbreken.

Het moet in ons stil worden, we moeten zo aandachtig worden dat we deze boodschap kunnen ontvangen. Dit betekent dat we niet langer automatisch reageren op wat er zoal verteld wordt, maar dat we werkelijk gaan luisteren, en als Maria de woorden in ons hart bewaren als een kiem die later tot ontplooiing kan komen.


Deze aandachtige levenshouding is een noodzakelijke voorwaarde opdat de innerlijke mens – de zoon van God – in ons geboren kan worden. Zo’n levenshouding houdt in dat we op een ontvankelijke manier leren luisteren en waarnemen.

Gewoonlijk hebben wij echter al onze mening klaar voordat een ander is uitgesproken en luisteren we niet echt wat hij of zij ons te zeggen heeft. Ook laten we ons zelden nog verrassen door wat zich in de wereld aan ons toont. We hebben immers alles al zo vaak gezien, zodat we nu wel weten hoe de wereld eruit ziet.

Een ontvankelijke manier van waarnemen maakt het echter mogelijk dat de alledaagse dingen zich plotseling op een nieuwe, frisse wijze aan ons tonen. Dat is het begin van de wederkomst van het licht! Door te wachten, stil en ontvankelijk te zijn, kan het licht tot de duisternis van ons waakbewustzijn doordringen en is het moment van de innerlijke Kerst aangebroken.

LEES REACTIES OP SPIRITUELE KERST

De uiterlijke mens leeft meestal voornamelijk vanuit het hoofd. Vandaar dat de onophoudelijke gedachtestroom ons voortdurend op sleeptouw nemen. In de traditie van het Rozenkruis staat daarentegen het hart centraal, vaak gesymboliseerd door de roos. Dat hart opent zich, naarmate we meer en meer leren om met aandacht te leven. Zoals Angelus Silesius zegt:

Uw hart ontvangt als dauw genaden menigvoud
Indien gij als een roos uzelf voor God ontvouwt.

De dauw is een alchemistisch symbool. Als de dauw uit de hemelen neerdaalt op de uiterlijke, gestorven mens, vindt de wederopstanding plaats: de ziel – de zoon van God – staat op uit het aardse omhulsel van de uiterlijke mens. Ja, dit betekent dat de uiterlijke mens moet sterven.


Als wij niet langer vanuit onze eigen wil en begeerte handelen en spreken, maar aandachtig en ontvankelijk worden, begint de uiterlijke mens daadwerkelijk te sterven. Zonder dit stervensproces, zonder de duisternis die aan de geboorte van het licht voorafgaat, kan de ziel niet tot geboorte komen:

God moest opdat gij leeft, het aardse leven derven.
Hoe denkt gij zonder dood zijn leven te beërven?

Zonder deze geboorte is ons leven als uiterlijke mens onvruchtbaar. De uiterlijke mens is van stof gemaakt en zal tot stof wederkeren. Met ‘stof’ wordt niet alleen het fysieke lichaam aangeduid, maar onze persoonlijkheid, alles waarmee wij ons gewoonlijk identificeren. Dat alles moeten we leren los laten, want:

Werd Christus duizendmaal in Bethlehem geboren
En niet in u, helaas, gij zijt dan toch verloren.

Dat klinkt ernstig en dat is het ook. Maar de jaarlijkse terugkeer van het licht dat we met Kerst vieren, herinnert ons er steeds opnieuw aan dat het licht in ons geboren kan worden. De jaarlijkse – en dagelijkse – terugkeer van het uiterlijke licht voedt onze hoop en vertrouwen dat ook in ons het wonder van de geboorte kan plaatsvinden.

Daniël van Egmond

Bilthoven, oktober 2015

Bron: Inleiding van Daniël van Egmond in het boek Spirituele Kerst

BESTEL HET BOEK ‘SPIRITUELE KERST’

ORDER THE BOOK ‘SPIRITUAL CHRISTMAS’

 

3 thoughts on “Inleiding Spirituele Kerst door Daniël van Egmond: het wonder van de lichtgeboorte

  1. Jes Jespers

    Waarde Daniel,

    Je tekst was een feest der herkenning voor mij als religieuze ongelovige. Je bent de eerste Rozenkruiser die ik hetzelfde met andere woorden hoor zeggen van wat ik onderstaand ook zeg. Je moet je net als ik vast een roepende in de woestijn voelen. Bij de Rozenkruisergemeenschap in Arnhem vond ik geen enkele respons als ik over aandacht sprak. Ik was me zelfs al af gaan vragen of de Rozenkruisers die het altijd over gnosis hebben deze slechts in boekjes meenden te kunnen vinden. De keren dat ik over de de stilte in je had als bron van gnosis, en de kwaliteiten van bewustzijn, de gunas, om bij de meest heldere kwaliteit van stille ontvankelijkheid in je te komen sprak, was er geen enkele herkenning, men meende oprecht dat ik fantaseerde. Ik had juist besloten er niet meer heen te gaan, immers ´Horende horen ze niet en ziende zijn ze blind´ in hun wakende slaap en Christus zei ook nog eens keihard ´laat de doden de doden begraven´.

    Fijn te begrijpen dat er ook Rozenkruisers zijn die het mensdier in hen wel op stal hebben weten te zetten met de deur op een klein kiertje en de tempel van de stilte in zich Zelf gerealiseerd hebben. Degene die de meditatie over ´luisteren´ geschreven heeft doet er goed aan eens naar jouw uiteenzetting te luisteren, van mijn aanbod om die meditatie te herschrijven (gewauwel noemde ik het) werd niet ingegaan, maar ja ik ben dan ook geen Rozenkruiser. Mijn laatste als reactie ingestuurde tekst werd door André de Boer helaas niet becommentarieerd. Mijn monistische godsbeeld en de ´nondualiteit´ waarin het uiteindelijk resulteert, leken daarmee niet te worden herkend.

    De kern van mijn ingezonden tekst luidde als volgt:

    De dichter Rumi schreef:
    God slaapt in een steen
    Ademt in een plant
    Droomt in het dier, en
    Ontwaakt in de mens

    Voor de Soefi-meester Rumi ging dat ´ontwaken van God in de mens´ zeker op. Zijn gezegde: “ik ben het gat in de fluit waar doorheen God ademt” is van een vergelijkbare diepte als de woorden die Christus aan het kruis sprak: “Vader, niet mijn wil doch Uw wil geschiedde!”. Ook van Christus is ontegenzeglijk duidelijk dat in hem `God ontwaakt´ was. Rumi zegt in zijn gedicht dat het goddelijke bewustzijn als stamcel in elk schepsel, dood of levend aanwezig is dus ook in het dier ´mens´. Maar ook dat in mensen de mogelijkheid aanwezig is God in hen te doen ontwaken en bewust te ZIJN. Zowel Rumi als Christus zeggen beiden met die paar woorden impliciet dat daarvoor het ´ik´ in ons moet wijken om God via ons te laten ZIJN.

    Jacob Boehme formuleerde wat plaatsvindt als volgt: Als ge u echter volledig aan haar overgeeft, dan zijt ge naar uw wil gestorven en wordt zij het leven van uw natuur. Zij doodt u niet, doch maakt u juist levend naar haar leven. Dan leeft ge, echter niet naar uw wil, maar naar haar wil, want uw wil wordt haar wil. Dan zijt ge naar uw ik dood, maar leeft ge naar Godswil.
    Duidelijker kan het haast niet gezegd worden, het dier ´mens´ met zijn ego moet weggebrand worden uit de geest zodat deze de tempel kan worden voor het goddelijke.

    Wij mensen onderscheiden verschillende bewustzijnsniveaus, zo spreken we over diepe droomloze slaap, hebben het over droomslaap en over wakker worden. Rumi zegt in zijn vers dat we moeten ontwaken om het goddelijke in ons te laten ZIJN, dat is duidelijk wat anders dan wat wij gangbaar onder wakker worden verstaan. Als we wakker worden, wordt, gezien vanuit dat ruimer perspectief, slechts het ´mensdier´ in ons wakker (we komen dan ´bij´ bewustzijn). In de hypnotherapie noemt men deze bewustzijnsstaat ons ´dagbewustzijn´, bewustzijns filosofieën spreken over ´wakende slaap´. In wakende slaap doen we alles op de automatische piloot en zijn nagenoeg constant ´in gedachten´, aan het dagdromen. Aandacht is weliswaar latent aanwezig en wordt even aan een situatie die daar om vraagt reactief geschonken waarna men weer prompt doorgaat met dagdromen. Christus zei over mensen in deze bewustzijnsstaat ´horende horen ze niet en ziende zijn ze blind´.

    Het ontwaken waar Rumi het over heeft om tot Zelfrealisatie te komen is het transfiguratieproces waarin we van schepsel worden tot schepper. Het mensdier in ons leeft een geconditioneerde mind met een beperkt mentaal bewustzijn ter bescherming en verdediging van het leven in ons lichaam. Het lichaam is van de aarde en wordt zoals bij elk dier toegerust met een mind die geconditioneerd wordt om te overleven, zich te verzekeren dat hij voldoende te eten heeft, zich kan voortplanten, en dat via macht kan veilig stellen. Aangevallen heeft het dier in ons slechts de opties ´aanvallen, verdedigen of vluchten´. Als mensdier leven we in de illusie dat er een ´ik´ in ons de keuzes maakt, zonder te beseffen dat er niet een ´ik´ doch vele ´ikken´ in ons (ego) dat doen en voor het geheel van ons spreken. Een ik uit het ego in ons reageert op wat het lichaam en de mind overkomt, maakt ons tot schepsel. We kunnen niet zijn wat we kunnen waarnemen, in ons leeft een waarnemer die ons kan laten inzien dat we door te reageren ons ego aan het realiseren zijn en we daarmee onze eigen werkelijkheid creëren en we alles wat ons overkomt ons zelf aandoen. Door onze reacties te gaan waarnemen verruimen we ons bewustzijn (besef) en herinneren we misschien de wijze les die onze moeders ons hebben voorgehouden, dat het wijs is eerst tot 10 te tellen en dan pas over te gaan tot handelen. In plaats van reactief moeten we de mind leren een stapje terug te doen om proactief te kunnen zijn en daarmee van schepsel een schepper te zijn. Als schepper ben je in staat om ´uit het verhaal dat speelt te stappen en een nieuw verhaal te beginnen´. Transfiguratie houdt in dat je ophoud de rol die van je verwacht wordt vanuit je ego te ´zijn´, doch dat je die rol vanuit de door de persoonlijkheid opgedane ervaring overtuigend gaat ´spelen´. Een boze moeder maakt op kinderen op den duur geen indruk meer, een moeder die speelt boos te zijn, dat is pas effectief, dat maakt indruk!

    Bewust waarnemen betekent dat je moet stilstaan en al je aandacht moet schenken aan wat je wil waarnemen. Als we niet aandachtig zijn lopen we ons Zelf voortdurend voorbij, stilstaan betekent alle beweging in je tot stilstand brengen en daardoor kom je in het NU. Het NU behoort niet tot de tijd, het is eeuwig en alles wat gebeurt vindt ook alleen maar plaats in het NU. Het NU is de rijgdraad die ons door alle dimensies heen verbindt met onze oorsprong, het bewuste ZIJN. Het licht van aandacht gaat uit vanuit het stille Zelf in ons. Tot jeZelf komen is bij de stilte in je komen en jeZelf zijn is vanuit die stilte zijn en niet langer vanuit het gekerkerd te zijn in de cocon van het denken en wie je dacht te zijn, maar spontaan jeZelf ZIJN.

    Beheersing van onze aandacht is nodig omdat alles waar je aandacht aan schenkt ook gevoed wordt met bewustzijn door die aandacht, het kan van een mug een olifant maken maar ook van horen luisteren. Een leven lang je voeden met wijsheden vergroot je bewustzijn in de betekenis van ´besef´, dit is bewustzijn ´hebben´, bewustzijn als zelfstandig naamwoord. Om te ontwaken zal je van dat woord bewustzijn een werkwoord moeten maken, ´bewust ZIJN´. Meister Eckhart zegt: ´Een bewust mens is hij die in stilte verblijft´, Christus zegt: ´Zalig zijn de armen van geest, want zij zullen het koninkrijk der hemelen beërven`, Tolle schrijft: ´het denken moet van zijn troon´. Voor mij, religieuze ongelovige, is ´bewust zijn´ AANDACHTIG zijn. AANDACHT brengt je voorbij waar je aan dacht, voorbij het geleuter van de dierlijke mind in je, AANDACHT brengt je in het NU en verbind je met de oneindige stilte in je. De stilte in mij is de tempel, een heilige plaats, waar ik in ontvankelijkheid inzichten mag ontvangen.

    Reageren
    1. André de Boer

      Waarde Jes,

      Dank je wel voor je uitgebreide reactie. Laat ik beginnen met op te merken dat Daniël van Egmond begin deze maand is overleden. Daarover is een In memoriam verschenen op deze website.

      Daniël van Egmond is nooit aangesloten geweest bij de School van het Rozenkruis, maar naar mijn idee was hij wel Rozenkruiser omdat hij symbolisch de roos aan zijn kruis had gehecht. Op eigen initiatief heeft hij, in mijn ogen, enorm waardevol werk verricht. Aan het einde van de jaren tachtig heb deelgenomen aan meerdere activiteiten die hij organiseerde, waaronder een meerjarige cursus over ‘De geheime leer’ van H.P. Blavatsky, een zomerweek over het boek van het verborgen mysterie uit de Zohar (Kabbalah), een zomerweek over overeenkomsten tussen de Kabbalah en het boeddhisme en een weekend met de titel ‘De mens: Prometheus of Pontifex’. Daarnaast heb ik vele voordrachten van hem beluisterd, online en via CD’s.

      Bij de voorbereiding van het symposion ‘Kabbalah – wegwijzer tussen hemel en aarde’ heb ik voorgesteld om ‘Daniël van Egmond’ te vragen als gastspreker omdat ik een grote fan van hem was. Hij is geweest en alle betrokkenen bij de organisatie waren onder de indruk van zijn betoog. Mede naar aanleiding van die toespraak heeft hij nog twee keer een lezing verzorgd voor Pentagram boekwinkel in Haarlem.

      De School van het Rozenkruis bestaat uit leerlingen die zich bereid hebben verklaard om te leren. Niet alleen in cognitieve zin, maar in de meest brede zin van het woord. En dat leren is primair gericht op ware menswording, waarin het kosmische, het werkelijk menselijke en het goddelijke met elkaar worden verbonden.

      Ik ben het met je eens dat er tot nu toe binnen de School van het Rozenkruis naar verhouding weinig aandacht is geweest voor belangrijke onderwerpen als bewustzijn en aandacht. Ik vermoed dat dat komt omdat de oprichters van de School van het Rozenkruis daar niet zoveel over hebben geschreven. Misschien was dat omdat de tijd daarvoor in de jaren vijftig en zestig – de periode waarin hun meeste geschriften in druk verschenen – nog niet rijp voor. Het was hun doel om een wereldwijd werkapparaat of instrument te bouwen waardoor de universele broederschap kracht kan doen in deze wereld. Dat is gelukt. De Internationale school van het Gouden Rozenkruis heeft nu ruim 200 locaties in meer dan 50 landen. Uiterlijke tempels zijn een belangrijke hulp om de innerlijke tempel te kunnen bouwen.

      J. van Rijckenborgh (1896-1968) en Catharose de Petri (1902-1990) hebben wel vaak gesproken en schreven over het belang van stilte. Het is een onderwerp dat aan de orde komt in alle authentieke spirituele tradities. Daarover is ook een mooie bezinning te beluisteren.Uiterlijke en innerlijke stilte zijn belangrijk om in het nu te kunnen leven, om bewust te zijn, om te ervaren een levende verbinding te zijn tussen hemel en aarde. Zelf vind ik de tekst over de stilte in hoofdstuk 40 van het Aquarius Evangelie heel mooi.

      Mijn excuses dat ik nog geen commentaar had gegeven op je vorige posting. Dat was er bij de vele werkzaamheden even bij ingeschoten. Ik zal zo alsnog reageren.

      Nog even een ‘technische’ opmerking’. Je schrijft: ‘Transfiguratie houdt in dat je ophoud de rol die van je verwacht wordt vanuit je ego te ‘zijn’, doch dat je die rol vanuit de door de persoonlijkheid opgedane ervaring overtuigend gaat ‘spelen’. Dat is niet in overeenstemming met wat de School van het Rozenkruis verstaat onder transfiguratie verstaat. Het loslaten van belemmerende gehechtheden en identificaties is inderdaad essentieel, maar dat is nog niet de transfiguratie. Dat betreft een zuivering van de persoonlijkheid op basis van de ontwakende ziel die ook wel transmutatie wordt genoemd. Dat is nog niet de omzetting die transfiguratie wordt genoemd en die veroorzaakt wordt door de indeling van de geest, van de Heilige Geest, waardoor de mens in niet meer alleen het licht herkent en gereinigd wordt door het licht, maar ook het licht van de wereld kan zijn.

      Reageren

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *