Mozarts Requiem – voordracht van Maarten Mestrom in Symposionreeks 17 – muziek van Jordi Savall

BESTEL MOZART’S ZAUBERFLÖTE

In 1791, het laatste jaar van zijn leven, schreef Mozart enkele van de belangrijkste stukken van zijn oeuvre. Op uitnodiging van Schikaneder schreef hij Die Zauberflöte. Hij kreeg een opdracht voor een opera ter gelegenheid van de kroning van Leopold II. Dat werd La clemenza di tito. Hij schreef het klarinetconcert, een van zijn mooiste soloconcerten en hij schreef het Requiem. Het feit dat Mozart het schreef heeft iets belangrijks te zeggen. Over Mozart én voor ons.

Ik hoop dat u de film Amadeus kent, want dan kent u ook de belangrijkste feiten rond het ontstaan van het Requiem. Over die film is door musicologen en door Maarten ’t Hart erg lacherig gedaan. Ten onrechte. Want deze met liefde en toewijding gemaakte film is veel dichter bij de waarheid dan menig musicologisch traktaat.

Mozart krijgt een paar maanden voor zijn dood van een anonieme opdrachtgever geld voor het schrijven van een requiem, een dodenmis. Historici hebben later ontdekt dat de opdracht kwam van graaf Von Walsegg die onder eigen naam een requiem wilde uitvoeren voor zijn overleden echtgenote. Nú is dat dus bekend; Mozart zelf wist het vrijwel zeker niet. Dan kan het dus bijna niet anders dan dat hij de opdracht als een ‘vingerwijzing Gods’ beschouwde; een vooraankondiging van zijn eigen dood in december 1791.

Wat is een requiem? Het is de rooms-katholieke dodenmis, de sacrale tekst die eeuwenlang gebruikt is na een overlijden. De Latijnse tekst stamt uit de tiende eeuw. De naam Requiem is afgeleid van de eerste woorden uit het eerste deel, het introïtus (hieronder uitgevoerd onder leiding van Jordi Savall): ‘Requiem aeternam dona eis domine’. 

De tekst van het requiem is niet mals. Kort en globaal: na de aanroep tot God en het Eeuwige Licht, volgt het Dies irae. Dat is de beschrijving van de dag des oordeels; de dag waarop de wereld in de as wordt gelegd en welk een angst er dan zal zijn. Tuba Mirum is de laatste bazuin. Alle bewoners van de aarde, zowel de doden als de levenden, zullen worden geoordeeld op basis van hun daden. Dan belijdt de ziel zijn schuld in het Lacrymosa, de dag der tranen waarop de schuldige mens uit de as zal verrijzen om geoordeeld te worden. ‘Wees hem dan genadig, o God’

Mijn stelling hier en vandaag is: op zo’n tekst kun je geen muziek componeren, en zéker niet op je sterfbed, en zeker niet zulke goede muziek, als je er niet op een of andere manier in gelooft. En daar wil ik u dus graag op wijzen. Het is absoluut zo dat Mozart een vrijmetselaar was; een vrijdenker; een tedere revolutionair; een kind van de Verlichting, die muzikale vraagtekens zette bij de conventies van zijn tijd; die zich onttrok aan het gezag van de aartsbisschop en die kritiek had op de adel. In die zin was hij dus een zéér modern mens.

Maar er is óók een andere kant, die men in deze tijd graag over het hoofd ziet. Zoals uit het Requiem, uit de missen en – als je tussen de regels door luistert – wel degelijk ook uit al zijn opera’s blijkt: de mens Mozart zocht de stem van God. Sterker nog: hij gaf God een stem. Mozart is geen postmoderne nihilist, geen cynicus, geen amorele hedonist. Er is in zijn denkwereld plaats voor het geloof in een hogere macht, het geloof in goed en kwaad, het geloof in een oordeel over de ziel en in de individuele verantwoordelijkheid van de mens. Dat geloof doorademt de muziek en het kunstenaarschap van Mozart.

Het is vooruitgangsgeloof, maar geen materialisme of egoïsme. Het is – volgens mij – juist de synthese waar het om gaat. Een helder en vrij verstand, gedragen door een geopend hart. En mede daardoor is die muziek zo afschuwelijk goed en blijft zij generatie na generatie ontroeren. Zij is niet alleen technisch en compositorisch perfect, maar ook op het niveau van de psyche, van de ziel. Hoofd, hart en handen zijn in zuivere balans. Daardoor kan de Geest zich via de ziel uitdrukken in de stof.

En dát is een universeel gegeven. Het leven en werk van Mozart is een helder symbool van de weg van de vrijmetselaar; van de innerlijke alchemist, de echte rozenkruizer; de esoterische christen. Symbool van de ontwikkeling van de ziel die door zelfkennis op weg is naar ware menswording, waarvan de vrucht liefde en wijsheid is.

 

En dát zou de actuele betekenis van Mozart voor onze tijd kunnen zijn. Niet alleen bloedmooie muziek en intrigerende opera’s, maar ook een bron van inspiratie. Want na tweehonderdvijftig jaar kunnen we om ons heen zien wat eenzijdige rationaliteit ons heeft gebracht. Politieke en maatschappelijke vrijheid en een geweldige technologische voortgang aan de ene kant versus een door materialisme en commerciële uitbuiting totaal verruïneerde planeet en een verharde, uit elkaar vallende samenleving aan de andere kant.

Zouden we zoals we hier zitten daaraan werkelijk wat willen doen, dan moeten we terug naar de begintijd, naar het einde van die achttiende eeuw, om die zuivere idealen nieuw leven te in te blazen en opnieuw te trachten het verstand te koppelen aan het inzicht van het geopende hart. Want verstand zonder hart levert de kernbom op. En een hart zonder verstand de chaos. En waar wij in onze tijd kiezen voor egoïsme, materialisme en commercialisering, koppelen we onszelf los van de universele bron van wijsheid en creativiteit: namelijk ons eigen hart.

Naast ál het andere dat je over Mozart kunt zeggen, dus ook dit: de muziek en de opera’s van Mozart kunnen ons inspireren om te beseffen dat het wel degelijk mogelijk is om geloof in het goede en hogere met kunst en rede te combineren. Dat de mens vrij is, maar dat zijn vrijheid niet vrijblijvend is. Dat alles wat we doen consequenties heeft op korte of langere termijn. En zo is Mozart niet alleen een muzikale maar ook een filosofische inspiratiebron voor de moderne mens. Zijn werk combineert het heldere licht van de Verlichting – met haar idealen van ratio, tolerantie, gelijkheid en vrijheid – met de kennis van het hart, het besef van goed en kwaad, het weten van een voortbestaan van de ziel – in wat voor vorm dan ook – na de dood. En juist die combinatie is essentieel. Want de Grote Bouwmeester – kunnen we na tweehonderdvijftig jaar rationalisme concluderen –: we kunnen misschien niet mét Hem, maar ook niet helemaal (helemaal niet) zonder Hem.

INHOUDSOPGAVE

  • Woord vooraf
  • Muziek voor een alchemische bruiloft, Tjeu van den Berk
  • Mozarts opera’s – iconen van verlichting, Maarten Mestrom
  • Die Zauberflöte als esoterisch theaterwerk, Maarten Zweers
  • Die Zauberflöte in het licht van het moderne Rozenkruis, Gerard Olsthoorn

Bron: Mozart’s Zauberflöte, het alchemisch proces in de tempel van inwijding, Symposionreeks 17

BESTEL MOZART’S ZAUBERFLÖTE

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *