De laatste zaligspreking: Zalig bent u als men u smaadt en vervolgt, en door te liegen allerlei kwaad tegen u spreekt

 

BESTEL HET MYSTERIE DER ZALIGSPREKINGEN

Als de leerling met de vrede die alle verstand te boven gaat, met de vrede van God, tot de mensheid komt, is het resultaat een felle strijd, Dat is een van de duidelijkste bewijzen voor het bestaan van de twee natuurorden. Er zijn twee natuurorden: de Godsorde, de statica, en de gevallen mensenorde, de dialectica. Er zijn twee tegengestelden, onverzoenlijk en onverenigbaar. Wanneer dan ook de Godsorde, door Jezus Christus en door de leerling van de christelijke hiërofantale geestesschool, inbreekt in de gevallen natuurorde, dan flitsen de vlammen en is daar vervolging.

Zij die de gerechtigheid van God liefhebben en deze, krachtens hun in God herboren staat, in de wereld uitdragen, hebben geen vervolging te dúchten, maar zij ondervinden vervolging; de vervolging staat bij hen aan de deur, bij dag en bij nacht. Een vervolging van drievoudige aard: naar de geest, naar de ziel en naar het lichaam.

U dient goed te begrijpen dat alles wat de leerling die in de nieuwe-hemel-aarde leeft, in deze wereld verwerkelijken wil, naar de natuur begrepen een dwaasheid, een onmogelijkheid en een gevaar beduidt. Daarom tracht de zwarte vijand alles wat naar de geest uit de leerling geboren wordt, te vermoorden.

Leringen van de Godsorde worden verminkt en in een kwaad daglicht gesteld. Getuigenissen van oude beschavingen die dicht bij het Godsland hebben geleefd, worden aan het intellectueel verkeer onttrokken en men laat ze in nevelen verzinken. Dit bewerkstelligt men door de overblijfselen van deze beschavingen, zoals papyri oude geschriften, gaande circulatie te onttrekken, of door ze opnieuw, maar dan deerlijk geschonden, uit te geven.

Heel veel van wat wij bezitten aan Chinese filosofie is bijvoorbeeld door de jezuïeten, die voor een roomse wereldlijke macht ijveren, geschonden. Ook alles wat nog over is aan wijsheid van de Inca’s, Azteken en pre-Atlantische volkeren, is door de jezuïeten gezeefd.

De meest absurde beschuldigingen worden aangewend om de geestorde te beletten macht te verkrijgen over mens en wereld. Daarom is de vervolging naar de geest dagelijkse spijs voor de werker in de grote wijngaard.

De vervolging begrepen naar de ziel is meer van persoonlijke en morele aard. De morele antecedenten en het morele gedrag van de aangevallenen worden in een kwaad daglicht gesteld en door tal van fluisteringen over kwalijke situaties en bedoelingen van financiële en morele aard wordt het grote werk ondermijnd en gedwarsboomd. Menige werker zou u over zielenvervolgingen uit zijn levensgeschiedenis kunnen verhalen. Maar wees ervan overtuigd: dwars door kwaad en goed gerucht heen gaat hij voort met het strooien van het zaad in de veelal zo onvruchtbare akker.

En vindt de klassieke vijand hem na geestelijke en zielenvervolging opgebroken, dan is er altijd nog de vervolging naar de stof en naar het lichaam. Dan wordt een situatie geschapen of aangegrepen om de betrokken werkers stoffelijk te vernietigen. Zij werden en worden vervolgd, gejaagd als schadelijke dieren, gemarteld, verbrand en vogelvrij verklaard.

Dit alles is het gevolg als men tracht de ware gerechtigheid te bevestigen in de tijd. Nuchter bezint de leerling zich op deze vanzelfsprekende ervaringen. Hij constateert en bereid zich voor, doch volkomen vrij van bitterheid en tot op zekere hoogte gevoelt hij terzake een zekere humor De tijd dat hij in bittere verontwaardiging zijn vuisten ophief en zijn protestwoorden sprak, is voorbij. Hij weet dat zulks energieverspilling is en hij weet ook dat het totaal overbodig is, want de overwinning, de volkomen overwinning, is aan hem. Hém is het Koninkrijk der hemelen.

‘Zalig zijn zij die vervolgd worden om de gerechtigheid, want van hen is het Koninkrijk der hemelen.’ (Mattheüs 5:11) Wil dit zeggen dat hij straks, na volstonden strijd, in een hemelse toestand kan uitrusten en zijn loon in ontvangst nemen? Wil dit zeggen dat hij de zaligheid van de toekomst reeds voorvoelt?

Volstrekt niet! De bedoeling van deze zaligspreking is: duidelijk maken dat, wat de klassieke vervolgers ook tegen de leerling zouden willen of kunnen ondernemen naar geest, ziel en stof, de volkomen overwinning geheel aan de zijde van het kruis is; dat het kruis tenslotte als een zwaard is dat alle tegenstand doorklieft; en dat er geen sprake is van ook maar enig succes van het zwart gevloekte. Naar het uiterlijke wellicht aangetast en bespot, met dodelijk geweld overvallen en beroofd van wat in jarenlang zwoegen in mensheidsdienst werd opgebouwd; doch voor het innerlijke gezicht kan de overwinningsstap van de legerscharen van het licht geen seconde worden vertraagd.

Hoe heerlijk zou het zijn als iedere leerling besefte dat te midden van geweld en gevaar, dwars door spot en hoon, in deze wereld het Koninkrijk van het Licht ís opgebouwd. De muren rijzen omhoog en de torens verheffen hun spitsen in het volle, rijke licht van de nieuwe dag. De citadel van goedheid, waarheid en gerechtigheid staat te vonken en te glanzen voor wie haar maar zien wil. Láát men onze eer en goede naam maar aanraden, laat men ons maar belagen naar de stof: ‘Zalig zijn zij die vervolgd worden om de gerechtigheid, want van hen is het Koninkrijk der hemelen.’

De leerling heeft deel aan het ongerepte rijk van de Godsorde en hij bouwt mee aan dat deel van het Godsrijk dat hier veroverd wordt met oppermachtige wapens, de wapens van de liefde, de wapens van het zuivere weten, de wapens van de toepassing van de geestwet van Jezus Christus. Nog nimmer in de wereldhistorie heeft men iets tegen deze wapens vermocht.

‘Zalig bent u als men u smaad en vervolgt, en door te liegen allerlei kwaad tegen u spreekt omwille van mij. Verblijd en verheug u, want uw loon is groot in de hemelen, want zo hebben ze de profeten vervolgd die er vóór u geweest zijn.’ (Mattheüs 5:12)

Moet men dit zo verstaan dat men verheugd zou moeten staan vanwege de smaad en de vervolging en de leugen? Dat zou onzin zijn. Leugen, laster, smaad en wanbegrip zijn dagelijkse spijs voor de leerling. Dat is voor hem een intens verdriet. Wij staan dus geenszins op het standpunt van sommige mystieken, die zich verheugen op leugen en laster, omdat de bewuste zaligspreking, naar de letter begrepen, zegt dat zij verheugd moeten zijn.

Smart en vreugde zijn hier echter vermengd. Als de leerling zijn opdracht op de juiste wijze vervult, als hij met de waarheid van het licht zich een schacht boort in dit mijnendiep, dan gaat er een kreun van angst door de natuur. De natuur, zich ontdekt ziende in haar begeertedrift en zelfhandhaving, kan altijd maar op één wijze reageren: door de scherpe klauw uit te slaan in leugen en laster en smaad en vervolging.

En zo er dan vanzelfsprekend smart is vanwege deze aantasting, zo is er nochtans ook vreugde en blijdschap, want de leerling weet – daar hij de reacties aan den lijve ondervindt en ze in het bloed draagt en naar de geest doorrijdt – dat zijn activiteit op de juiste wijze tot ontwikkeling is gekomen. Hij treedt door zijn daden en door zijn ondervindingen in de voetsporen van alle profeten en grote werkers die vóór hem geweest zijn. Daarom is zijn blijdschap volkomen. Immers, zijn loon is groot in de hemelen.

Versta ook dit woord zoals het verstaan moet worden. Als de bouwers het plan van de grote Architect uitvoeren, dan weten zij, ondanks allerlei opduikende moeilijkheden, dat het huis zal worden gebouwd en dat in de arbeid het loon van de arbeid begrepen is. Twee dingen moeten terzake van deze dubbele zaligspreking goed worden verstaan.

Ten eerste dat de mens-van-de-natuur slechts op één wijze kan reageren op de geestorde van Jezus Christus. De geestorde is voor de natuur een onbekende grootheid, en waar de geestorde de natuur aantast, daar zie de natuur zich belaagd in haar waarden en plannen en verdedigt zij zich volgens haar wetten. U moet daarom goed beseffen dat de Christus niet gekomen is om vrede te brengen, maar het zwaard.

Wil de leerling in dienst treden van de geestorde, dan moet hij dus van harte bereid zijn het kruis op zich te nemen. Dat is een zaak van klaar inzicht. Dat is zijn smart, maar dat is ook zijn overwinning, zijn vreugde. In het dragen van dit kruis is de overwinning. Als de leerling in zijn navolging Christi, volgens het plan van dienst op de heuvel Golgotha, op zijn beurt uitspreekt: ‘Het is volbracht!’, dan is dit geen wanhoopskreet, doch het is de kreet van de overwinning. Hem is het Koninkrijk der Hemelen; zijn loon is groot. Zó groot, dat het niet met aardse maten te meten is. Zijn bouwstuk is gereedgekomen.

Wil ten tweede, verstaan dat in het bevrijdende, geestelijke werk het loon van de arbeid in de arbeid zelf begrepen is. In de natuur ontvangt men het loon ná arbeid en de meeste mensen leven pas als zij dat loon in de tijd na gearbeid mogen besteden ten dienste van al wat nodig is. In het bevrijdende geestelijke werk ontvangt de leerling het loon echter dóór zijn arbeid en ín zijn arbeid. Het loon in deze zin moet u echter niet zien als hetgeen de mensen hem voor zijn arbeid terug schenken in spontane reactie. Wat dat betreft wordt de werker niet verwend.

Het loon wordt ontbonden dóór de arbeid. Wanneer geheel volgens de geestwet wordt gearbeid, ontbindt de leerling verschillende krachten en vermogens, die hem uittillen boven tijd en ruimte, die hem maken tot de werkelijk nieuwe mens. Door deze rijkdommen overstelpt, wordt hij in staat gesteld tot nog dynamischer krachtsontplooiing, tot de overwinning daar is. Een onmetelijke rijkdom is het loon, dat in directe arbeid als een magische bron ontspringt.

Bron: J. van Rijckenborgh, Het mysterie der zaligsprekingen

BESTEL HET MYSTERIE DER ZALIGSPREKINGEN