Tagarchief: Woldemar von Uxkull

De keizer, heerser of farao – arcanum 4 van de hermetische tarot – het vierde symbool van de Egyptische mysteriën

Op de vierde dag sprak de hogepriester aldus:

‘Je staat, mijn zoon, nu voor de afbeelding die ‘de farao’ wordt genoemd. Zoals je in de eerste schildering de schemmende, de elementen gebiedende godheid gezien hebt, zo zie je in de vierde beeltenis de middels de vaste wetten de schepping – de kubieke steen – regerende god. Wetten regeren het heelal. Aan deze wetten kan niemand zich onttrekken. 

De twee kronen  op het hoofd van de farao, de twee scepters in zijn handen duiden erop dat hij door Lees verder

De keizerin of heerseres – arcanum 3 van de hermetische tarot – het derde symbool van de Egyptische mysteriën

Op de derde dag sprak de hiërofant voor de derde afbeelding staande aldus: Deze schildering, mijn zoon, stelt de godheid Horus voor, de adelaar, de geest. Je ziet hier niet de alom bekende afbeelding van de man met de sperwerkop. Je ziet hier zijn wezen, symbolisch weergegeven. Horus wordt als de zoon van Osiris en Isis beschouwd. De schildering wordt de koningin, keizerin of Lees verder

De hogepriesteres – arcanum 2 van de hermetische tarot – het tweede symbool van de Egyptische mysteriën

De tweede dag sprak de hogepriester aldus: ‘In de eerste schildering hebt je je oorsprong gezien en je doel, dat wat je worden zal. De vraag: Waar komen we vandaan, waar gaan we naartoe, heeft de eerste afbeelding je in grote trekken beantwoord. Vandaag zie je de tweede beeltenis: Isis, de Grote Moeder.

De één heeft zich gesplitst en er is een twee ontstaan. Bij het mannelijke heeft zich het vrouwelijke gevoegd. Anders gezegd: uit het menselijke heeft zich het Lees verder

De magiër – arcanum 1 van de hermetische tarot – het eerste symbool van de Egyptische mysteriën

Kort voor zonsopgang kwam een jonge priester de nieuweling in de mysteriën halen en bracht hem naar een galerij, waarvan het dak door tweeëntwintig met hiëroglyfen bedekte zuilen werd gedragen: elf aan de linkerkant en elf aan de rechterkant. Aan de mysterieuze schilderingen en symbolen herkende hij onmiddellijk de hal waarin hij zoveel jaren had doorgebracht. De hogepriester sprak hem, na een welwillende begroeting, als Lees verder