Reins dagboek – een gedeelte uit hoofdstuk 3 van ‘Reins Licht’ van Ingrid Huting – tijdelijk van € 19,50 voor € 12,50

 

BELUISTER HET GESPREK OVER REINS LICHT

BESTEL REINS LICHT – IN APRIL 2024 VAN € 19,50 VOOR € 12,50

Hierboven is een gedeelte te beluisteren uit de roman Reins licht, fragmenten van een zoektocht naar het hart van Ingrid Huting. Hieronder volgt de tekst. 

Geholpen door de notities in zijn dagboek haalt Rein zich het gesprek weer voor de geest:

‘Ik heb een vraag, Hans. Ik ervaar momenteel dat ik zo’n nieuwe wereld binnenga, of dat ik totaal anders kijk naar het leven. Ik voel me af en toe een losgeslagen schip dat over de levenszee dobbert. Los van iedereen, alleen, maar niet eenzaam. Als ik het nieuws volg, zie ik poppenkast, dus dat volg ik niet meer.’ Ik zet mijn kopje neer, zucht. ‘Wat als het leven niet meer boeiend is? Zelfs bij de broeder- en zusterband – iedere maand kom ik samen met deze goede vrienden – kan het zomaar voorkomen dat een verhaal van de een of ander me niet meer boeit. Het jaagt me af en toe angst aan.’ Ik kijk verontrust. De oude man staat op, knikt begrijpend en loopt naar de boekenkast. Uit mijn ooghoek zie ik hem iets pakken. Hans loopt bedachtzaam op mij af en pakt mijn hand. Als hij mijn hand heeft opengevouwen, legt hij er een beeldje in. Een eenhoorn. ‘Herken je het archetype?’

Mijn hand gaat liefkozend over het marmeren beeldje. Ik knik langzaam. ‘De eenhoorn is het archetype van het eenpuntig gericht zijn op één doel. In oude legenden was het een mensenschuw beest, indrukwekkend, op zichzelf levende in uitgestrekte wouden. Als een mens het woud in ging, in zichzelf keerde in de donkere bossen en heel stil werd vanbinnen, dan kon hij of zij de eenhoorn op een open plek ontmoeten, nooit om het magnifieke wezen te berijden, maar altijd om een evenbeeld te zien van de stil geworden mens. De eenhoorn verbeeldt de gerichtheid op het ware goddelijke element in de mens. De mens die leeft in verbinding met het goddelijke veld.’ De oude man pauzeert even met zijn ogen dicht. Fluisterend vervolgt hij: ‘Als ik het goed heb, was het Roemi die zei: ik weet dat de twee werelden een zijn.’

‘Dan is zo’n gesprek tussen een mens en het Andere dus werkelijk mogelijk,’ merk ik op. Hans opent zijn ogen en knikt. ‘Als je je met heel je hoofd en hart op het reine veld richt, ja, dan is dat mogelijk. Dat is extra moeilijk in deze tijd, Rein. De atmosfeer is zo ontzettend druk en vervuild; de hoeveelheid informatie die over de mensheid wordt uitgestort is mateloos. Kom in die draaikolk maar eens tot jezelf.’ Hij neemt een slok van zijn lauwe koffie. ‘Maar voor jou, Rein, is het anders. Jouw levenslange zoektocht heeft je tot hier gebracht. Je weet: de mens is niet alleen zijn eigen lichaam. De mens leeft in een onzichtbare bol, die de ouden een kleine wereld noemden. En in die bol bevinden zich om het zichtbare lichaam heen nog een leven gevend lichaam, het levenslichaam; een astraallichaam, waar je begeerten leven; en een denklichaam om je hoofd, vol met gedachten. Het absolute midden van die bol, het hart van de mens, heeft een bijzonder punt in zich. Een aanraakpunt voor het Licht. Wanneer je er echt van doordrongen bent dat er een goddelijk veld bestaat, dan volgt de stilte. Het geruis van de wereld valt weg. Ik denk dat je dat nu meemaakt, Rein.’

Ik houd de eenhoorn in mijn hand. ‘Er is geen werkelijke scheiding tussen het uiterlijke en het innerlijk, zo lijkt het wel. Ik ben het met Roemi eens: in de wereld is ook de eeuwige stilte. Iedereen loopt er zo aan voorbij, omdat men gericht is op het aardse lawaai.’ Ik hoor Hans achter me schuifelen. Samen kijken we naar de bloeiende tuin. ‘Het Licht schijnt in de duisternis, maar de duisternis heeft het niet begrepen.’ citeert Hans uit de Bijbel. ‘Of, op een ander manier gezegd: Maria vond Jezus niet in de graftombe en verward verliet zij de tombe. Daar was de Christus en hij riep haar, en zij wendde zich om tot hem. Let op dat laatste woord, zij keerde zich óm naar het Licht en toen zag zij hem.’ Wanneer ik een hand door mijn haar haal, pakt Hans mijn hand. ‘Maar het lukt je nooit, als je niet doet wat je doen moet. Dit alles ontslaat je niet van wat je hier in de wereld allemaal moet doen. Zoals goed zorgen voor je vrouw, die door een dal gaat, Rein.’

Zijn woorden klinken indringend. Ik zie zijn zorg en knik: ‘Ik zal vader nog even gedag zeggen en vanmiddag al terugreizen naar huis. Je hebt gelijk, Hans.’ Ik neem afscheid van mijn goede vriend. ‘Ik kom snel terug!’ beloof ik en geef Hans een omhelzing.

Het dagboekfragment eindigt ontroerend: ‘In de late middag was Marion blij verrast dat ik thuiskwam. ‘Kom hier, jij!’ fluisterde ik en de langste knuffel sinds jaren volgde. Ze zuchtte en ik streelde haar haar. Dit hadden we al veel te lang niet meer gedaan.’

BELUISTER HET GESPREK OVER REINS LICHT

BESTEL REINS LICHT – IN APRIL 2024 VAN € 19,50 VOOR € 12,50

LEES OVER DE BOVENSTAANDE BOEKEN OVER LICHT