Was Jeroen Bosch een kathaar?

Wat voor pad van zelfverlossing uit deze demonische wereld zou Jeroen Bosch hebben begaan? Het pad van gnostiek geïnspireerde manicheeërs, bogomielen en katharen? Er is veel geschreven over zijn sympathie voor hun spirituele bijdrage aan de mensheid. Er zijn ook wel enige aanwijzingen van gnostieke sympathieën in zijn werk te vinden.

We vinden het wat ver gaan om nu vast te stellen dat Bosch een kathaar moet zijn geweest, of dat hij de kathaarse bevrijdingsweg is gegaan. Wel dringt zich de gedachte op dat hij grondig kennis heeft genomen van de middeleeuwse gnostieke ideeën.

Mogelijk hebben de  bogomiels-kathaarse opvattingen /als enzym gewerkt voor zelfs zij meest demonische schilderijen waarin altijd  hoe klein ook en veelal amper opgemerkt – een bron van licht, een perspectief, is te vinden. Maar, we weten het niet zeker.

Soms weet je niet wat je ziet. We raken hier aan de woorden van Jan van Ruusbroec: je bent wat je ziet en je ziet wat je bent. Bosch genialiteit was misschien ook wel dat hij zijn werkelijke levensovertuiging verborgen heeft weten te houden voor de buitenwereld.

Hij ging dan wel wekelijks naar de Onze Lieve Vrouw Broederschap, later Zwanenbroederschap, zijn Rotaryclubje, maar dat leek me meer een manier om zich als crypto katholiek in zijn wereld ook economisch te handhaven. Zo ongebruikelijk was dat nu ook weer niet: de gnostici vanaf de tweede eeuw tot en met de bogomielen in de vijftiende eeuw deden in tijden van vervolging uiterlijk alle vieringen en bijeenkomsten mee met de heersende kerk maar beleden in nachtelijke afzondering hun ware geloof en overtuiging. En voor dat laatste had Bosch veelal de rust van zijn atelier waar hij in de stilte van zijn hart zijn ware zelf, zijn ware wezen kon ontmoeten en ontwikkelen. 

Jeroen is voor mij een spiritueel zeer breed onderlegd mens , ja: een ingewijde. Dat verklaart misschien ook dat wij zo weinig over zijn persoonlijke leven weten. Mogelijk heeft hij er zelf alles aan gedaan om alle sporen van innerlijk leven uit te wissen of te beperken tot mogelijk codeerbare signalen in zijn werken. Hier dringt zich het woord van Lao Zi in de Daodejing op: ‘Hij die goed gaat, laat geen sporen na.’

Jeroen Bosch en pessimist? Geenszins, een schilder die menselijke ondeugden en onvolmaaktheden bijna hardvochtig en op de lachspieren werkend aan de orde stelt, maar tegelijk perspectief biedt op een lichtende bevrijdingsweg mogen we geen pessimist noemen.

Op dit punt zijn we aangekomen bij het mooiste fragment uit het werk van B: de opgang van de gereinigde (gepersonifieerde) ziel tot het verlossende grondeloze licht om zich te verenigen met de geest. Die zielen nemen hier een specifieke gebeds- en overgave-houding  aan die we kennen vanaf het primitieve christendom : de orante-houding. Opvallend is de schacht-achtige buis waardoor de ziel door de engel geleid wordt naar het paradijs.  Het is niet duidelijk of Bosch hier een bewustzijnstoestand bedoelt (paradijs betekent in het oud-Perzisch bewustzijn) danwel het hemelse gebeuren dat in de traditionele kerk in het vooruitzicht wordt gesteld. We weten nooit zeker wat we zien. Maar het maakt niet uit: hoe je bent, zo kijk je.

Die zelfde gebeds- of orantehouding zien we terug op Hiëronymus de Heremiet, afgebeeld op de ‘zuil der heerlijkheid‘ waarin de ziel verschillende niveaus van het universum ‘doorstijgt‘ om tot het voorportaal van het land van Licht te komen. Dit proces van zielenopgang staat beschreven in het visioen van Jesaja dat in het bogomielse klooster van Ossogvski in Macedonië moet zijn geschreven...

Bron: Jeroen Bosch – wijsheid-schrijver met beelden, symposionreeks 36

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *