De Waterman of Aquarius, Johfra verklaart de symboliek van een schilderij uit zijn zodiak-serie met sterrenbeelden

De Waterdrager of Aquarius is een positief teken, het laatste van de luchtdriehoek, dus lucht in werkelijkheid. Het is het teken waarin de zon staat eind januari, de louwmaand, als de diepste duisternis meer en meer plaats maakt voor het licht. Vroeger was de heersende planeet Saturnus, doch nadat in 1781 Uranus was ontdekt, werd deze planeet aan Aquarius toegewezen daar er vele facetten aan dit teken waren die niet door de invloed van Saturnus konden worden verklaard. 

In verband met de ontwikkelingsgang van de mens door de twaalf tekens van de zodiak wordt dit elfde teken gekenmerkt door ontstoffelijking en uitwisseling over alle begrenzingen heen. Nadat de mens zich bij het beklimmen van de berg in zijn steenbokfase heeft vernieuwd, giet hij vanaf de top van zijn verworven bewustzijn het levenswater van zijn gewonnen inzicht over hen, die nog in het dal vertoeven, uit. Hij is de humanist die niet rust vóór hij anderen deelgenoot heeft gemaakt van het nieuwe dat hij heeft gevonden.

De grens tussen het ik en het niet-ik wordt hierbij niet erg belangrijk gevonden. Integendeel, de aquariusmens leeft geheel uit het besef van de eenheid en broederschap van de mensen. Het ik-bewustzijn indeze fase bestaat nog wel, maar het wordt geheel op de achtergrond gedrongen. De gestelde begrenzingen worden hierbij voortdurend verbroken.

Deze grensvervaging, vooral ook in macrokosmisch opzicht, tussen kracht en stof, geest en lichaam, is het basiskenmerk van onze huidige tijd. In astrologische kringen wordt dit toegeschreven aan de nieuwe geest die onder invloed van Aquarius momenteel over de wereld wordt uitgestort en waarop een ieder reageren moet. 

Deze gedache is voor mij het hoofdmotief geworden bij het schilderen van dit teken. Ik wil in het kort op deze invloed ingaan. Het moment dat in de lente de dagen even lang zijn als de nachten, de lente-evening of equinox waarbij de zon loodrecht op de evenaar staat, valt niet steeds in hetzelfde sterrenteken van de dierenriem. Doordat de scheefstaande aardas een langzame, tollende beweging maakt (precessie), verschuift dit punt zich. Het loopt terug en doet over dertig graden 2160 jaar. Kort vóór het begin van onze jaartelling kwam dit lentepunt van de Ram in het teken Vissen en spoedig zal het in het teken Aquarius vallen. De traditie zegt, dat als deze equinox een ander teken binnentreedt, er een nieuwe geest over de mensheid daalt. 

Toen dat lentepunt in het teken Vissen kwam, ontstond de christelijke godsdienst. De vissen-symboliek is hierin overduidelijk. De eerste discipelen waren in hoofdzaak vissers. De vermenigvuldiging van broden en vissen spreekt ook voor zichzelf, evenals de bisschopsmijter, die de vorm van een vissenkop heeft. Christus werd in de oudste schilderingen in de catacomben ook vaak met een vis aangeduid. 

Men zegt dat elke era (kosmische eeuw) een bepaalde kenmerkende planeet bezit. Het Vissentijdperk werd beheerst door devotie en offerbereidheid. Geloof, hoop en liefde waren de deugden van die tijd, evenals bescheidenheid en zachtmoedigheid. Hoewel van al deze zaken vaak weinig terecht kwam, was het toch het ideaal. In deze Vissen-era viel daarentegen ook het dieptepunt van onverdraagzaamheid en stofgebondenheid. Wetenschap en filosofie werden meer en meer materialistisch. Tegen het einde vonden oorlogen en massamoorden plaats van een omvang en verschrikking, die de wereld nog nooit had gekend. Hoewel deze toestand nog niet is beëindigd, is er vanaf de Franse Revolutie een kentering te bespeuren: het begin van een nieuwe geestesgesteldheid, vooral bij de jongere generatie. Men zou hierin het eerste gloren van een nieuw tijdperk kunnen zien. 

Hoewel de equinox nog niet het teken Waterman is binnengegaan, overlappen de invloeden van het oude en het nieuwe elkaar duidelijk. Naast of onder de gevestigde orde, die kennelijk zijn einde nadert en uitmond in een grootscheeps cultureel en economisch debacle, is er veel gaande dat in een totaal andere richting wijst. Vanaf de ontdekking van het radium, waarbij de atomen niet ondeelbaar bleken, is ons materialistisch wereldbeeld snel gaan afbrokkelen. De wetenschap ontstoffeijkt zich. De parapsychologie die ons tijdbeeld heeft doorbroken, is hiervan een voorbeeld. Zag men vroeger mens en heelal als mechanisch, nu denkt men meer in krachtvelden. Stof blijkt, gezien de atoomsplitsing, een aanzicht van energie te zijn en omgekeerd. Ook het occultisme, de magie en de astrologie worden nu niet meer zo snel als bijgeoof bestempeld doch door vooruitstrevende wetenschapsmensen schoorvoetend onderzocht. 

Op het sociale vlak zijn mensenrechten en gelijkheid, ongeacht ras of godsdienst, algemeen aanvaarde normen geworden. Al deze zaken zijn resultaten van de invloed die van Aquarius uitgaat. Dit teken streeft naar inzicht, gelijkheid, vrijheid van geloof en meningsuiting en vooral broederschap van alle mensen. Alle verschillen en grenzen vervagen. Aquarius brengt eenheid. Dat de mens letterlijk de zwaartekracht heeft overwonnen en in de ruimtevaart de aarde heeft verlaten en daardoor kosmisch gaat denken, is meer dan een symbool alleen. 

Al deze kenmerken samenvattende heb ik dit schilderij opgebouwd uit vloeiende, vage vormen, die ontleend zijn aan luchtwervelingen, die in aerodynamische windtunnels worden opgewekt en zichtbaar gemaakt. Deze bewegingen stellen de elektromagnetische golden van de nieuwe eeuw voor, die door de waterdrager over de aarde worden uitgestort en waardoor alles wordt ontstoffelijkt. Het geheel beheersend straalt Uranus als een geestelijke zon over de wereld. Zeven lotusbloemen drinken deze nieuwe krachtstromen in. Het zijn de zeven chakra’s.

Volgens de oosterse leer zetelen in het astrale lichaam van de mens zeven ijle organen die met ons centrale zenuwstelsel zijn verbonden. Als wentelende kolken zuigen ze de levenskracht, het prana, naar binnen en zorgen zodoende voor onze vitaliteit. Tegelijk met dit prana worden ook geestelijke invloeden opgenomen en bepalen hierdoor ook onze geestelijke staat. De bloemen vormen op dit schilderij tevens een menora. Dit is de heilige zevenarmige kandelaar van de joden, die de zeven lichten voor Gods troon voorstelt. 

Op de achtergrond is in het schedelmotief de oude heerser over Aquarius verwerkt. Het is de poort van inwijding, de poort van Saturnus. Hierdoor gaat de kleine pelgrim zijn levenspad naar de Mont Salvat, waar de lichtende graalburcht van het universele bewustzijn hem wenkt. 

Daar Uranus pas werd ontdekt toen het middeleeuwse systeem van de magisch correspondenties reeds lang was ontwikkeld, is deze planeet nooit geassiocieerd geweest met de hiërarchie van engelen en intelligenties. Ook zijn hierdoor geen toewijzingen op de kabbalistische levensboom. Daarom heb ik slechts de astrologische signaturen van de nieuwe heerser Uranus (linksboven) en de oude heerser Saturnus (rechtsboven) afgebeeld. Vlak onder de middelste lotusbloem wordt het symbool voor het teken Waterman door de krachtgolven gevormd. De vloeiende lijnen van het kader zijn  mede ontleend aan de typische bewegingen die kenmerkend zijn voor de art nouveau. deze kunstrichting is mijns inziens de eerste geweest waarin de Aquarius-invloed zich duidelijk kenbaar maakte. 

Bron: Johfra astrologie – de tekens van de dierenriem door Johfra

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *