Geheime figuren der Rosenkreuzer – boek als geestelijk testament van het Rozenkruis uit de achttiende eeuw

De uitgever van het boek ‘Geheime Figuren der Rosenkreutzer aus dem 16ten und 17ten Jahrhundert, gedrukt in Altona in 1785-88, wijzen terug naar de bronnen van het Rozenkruisdenken. In de Geheime figuren zijn de symbolische en mystieke afbeeldingen uit de eerste helft van de zeventiende eeuw weer geplaatst in de traditie van de rozenkruisers. Het boek bestaat uit drie delen. Het eerste deel betreft een verhandeling van Hinricus Madathanus Theosophus, ‘Aureum Seculum Redivivum’, die al in 1621 was verschenen. De auteursnaam is een anagram-pseudoniem van een de aanhanger van Paracelsus: Hadrianus a Munsicht (Adrian von Mynsicht, Mynsicht is weer een anagram van de eigenlijke familienaam Symnischt, oorspronkelijke Seumenicht, een alchemist).

De samenstellers brengen het mooiste uit een aantal 16e en 17e-eeuwse ‘pansofische’ werken bijeen. De visuele inhoud is overweldigend. Waarschijnlijk is dit werk ontstaan binnen de kring van de ‘Gold- und Rosenkreuzer’ in Hamburg. Het prachtige werk bevat zesendertig platen met alchemistische, theosofische, hermetische en rozenkruisersvoorstellingen. De samenstellers werden geïnspireerd door de werken van Weigel, Boehme, Khunrath, Maier, Michelspacher, Mögling, Mynsicht, Welling en anderen. Het boek wordt ook wel beschouwd als het geestelijke testament van de achttiende-eeuwse beweging van de Gold- und Rosenkreutzer.   

DOWNLOAD GEHEIME FIGUREN DER ROSENKREUTZER (PDF)

Rudolf Steiner noemt het boek ‘Geheime Figuren’ in een voordracht in Neuchatel op 27 september 1991, die is opgenomen in het boek ‘Christiaan Rozenkruis en het geheim van de Rozenkruisers’. Het onderstaande gedeelte komt uit die voordracht. 

Christian Rosenkreutz is een individualiteit die zowel werkzaam is wanneer die geincarneerd is als wanneer die niet in een fysiek lichaam zit; die werk niet alleenals fysiek wezen en door middel van fysieke krachten, maar vooral geestelijk door middel van hogere krachten. 

Zoals we weten leeft de mens niet alleen voor zich, maar in samenhang met de grote menheidsontwikkeling. Wanneer de gewone mens door de poort van de dood gaat, lost zijn etherlichaam op in het universum. Maar van het zich oplossende etherlichaam blijft altijd een deel behouden, en zo zijn we in de regel omgeven door resten etherlichamen van overledenen, tot ons heil, of ook wel tot ons nadeel. Ze weken op ons in goede of kwade zin, al naar gelang wijzelf goed of kwaad zijn. Uitgebreide werkeingen gana er in deze zin van de etherlichamen van grote individualiteiten naar ons uit. Zo gaat vna het etherlichaam van Christiaan Rosenkreutz een grote kracht uit die op onze ziel en op onze geest kan inwerken. Het is onze taak deze krachten te leren kennen en aan die krachten appelleren wij als rozenkruisers. 

In nauwere zin had de rozenkruisersbeweging haar aanvang in de 13e eeuw. Toen werkten deze krachten ongemeen sterk en sindfs dat tijdstip bestaat er een Christian Rosenkreutz-stroming, die vanaf die rijd in het geestesleven steeds verder werkt. Er bestaat een wet die zegt dat deze geestelijke krachten-stroom ongeveer elke honderd jaar bijzonder werkzaam tot uitdrukking moet komen. Die komt nu tevoorschijn in de antroposofische (theosofische beweging). In zijn laatste exoterische uiteenzettingen heeft Christian Rosenkreutz dit zelf zo aangegeven. 

In 1785 kwamen de verzamelde esoterische openbaringen van de rozenkruisers tot uitdrukking in het werk ‘De geheime figuren van de rozenkruisers’ van Hinricus Madathanus Theosophus. In deze publicatie zijn in een zekere beperkte zin aanwijzingen vervat omtrent wat er tijdens de voorafgaande honderd jaar als rozenkruisers-stroming had gewerkt. Dat kwam pas tot uiting in de werken die verzameld en samengevat waren door Hinricus Madathanus Theosophus. 

Weer honderd jaar later zien we de werking van de rozenkruisers-stroming tot uiting komen in het werk van H.P. Blavatsky, in het bijzonfer in haar boek ‘Isis onsluierd’. Veel van de inhoud van de figuren uit het werk van Hinricus Madathanus Theosophus is daarin in woordne opgetekend. Een hoeveelheid westerse occulte wijsheid die nog lang niet aan het licht is gebracht staat daarin, ook al is de composotie soms verward. 

Het is interessant om ‘De geheime figuren van de rozenkruisers’ van Herticus Madathanus Theosophus te vergelijken met dit werk van H.P. Blavatsky. We moeten hoofdsakelijk de eerst ehelft vna de publicatie bekijken, die in de zin van de ‘Figuren’ is geschreven. In het tweede deel dwaalt Blavatsky enigszins af vna de rozenkruisers-stroming. In haar verdere werken verwijderde H.P. Blavatsky zich van deze geestelijke stroming van de rozenkruisers en we moeten onderscheid weten te maken tussen haar eerste en haar latere publicaties.

Bron: Christian Rosenkreutz en het geheim van de rozenkruisers door Rudolf Steiner

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *