De tijdloze wijsheid van Lao Tse – beluister bezinning van het Gouden Rozenkruis

 

BELUISTER MEER BEZINNINGEN OP ROZENKRUIS.NL (PODCASTS)

BELUISTER DE BEZINNING ‘WARE IDENTITEIT’, GEBASEERD OP DE CHINESE GNOSIS

Welkom bij deze bezinningsbijeenkomst. U zult vier fragmenten horen uit de Tao Teh King, ook wel genoemd, De Chinese Gnosis, verklaard door Jan van Rijckenborgh, stichter van de School van het Gouden Rozenkruis, afgewisseld met korte perioden van stilte en muzikale intermezzo’s.

1 Wat is gnosis?

Gnosis is de kennis die voortkomt uit de innerlijke ervaring van een kracht, een kracht die het menselijke bewustzijn overstijgt. Het is dus geen kennis die uit het hoofd kan worden geleerd of die in ons brein kan worden opgeslagen. Het is goddelijke kennis, afkomstig van de bron die eeuwig vloeit.

Door je bewust te worden van deze goddelijke bron van inspiratie, ben je onderweg naar de oorsprong van alle weten. De Gnosis zal zich dan meer en meer kunnen openbaren. Door die openbaring word je uit je spirituele onwetendheid gewekt. Of uit je ‘slaap’, of zelfs  ‘dronkenschap’, wat de metaforen zijn die in vele oude teksten worden gebruikt voor de toestand van de mens voordat hij of zij de Gnosis ontvangt.

Zodra de Gnosis aan een mens is geopenbaard en hij of zij accepteert dit als direct persoonlijk onderricht, dan wordt dit de basis van zijn of haar levenshouding. Stap voor stap nadert deze mens de wereld van het goddelijke, waarvan de mensheid ooit is vervreemd.

Een van de essentiële kenmerken van de Gnosis is dat zij de mens eraan herinnert dat deze wereld waarin wij leven niet de eeuwige wereld is. Diep van binnen ervaren we iets van een goddelijk beginsel, maar dit slaapt nog. Of anders gezegd: de eeuwigheid slaapt in ons hart.

Deze slapende goddelijke vonk wordt met vele namen aangeduid: het juweel in de lotus, de graankorrel van Jezus, de geestvonk, of de rozenknop volgens de rozenkruisers terminologie.
En deze slapende goddelijke vonk kan worden gewekt wanneer de drager van deze vonk zich openstelt voor de alomtegenwoordige goddelijke kracht.

De oude Chinese wijze Lao Tse heeft een deel van zijn leer nagelaten in een boekje dat wij kennen als de Tao Teh King (of Daodejing). Het is een diepzinnige reeks instructies om zich voor te bereiden op de weg terug naar het goddelijke rijk.

‘Kijk naar Tao en je ziet het niet; het wordt kleurloos genoemd.
Luister naar Tao en je hoort het niet; het wordt geluidloos genoemd.

Reik naar Tao en je kunt het niet aanraken, het is onstoffelijk.
Woorden ontbreken om deze drievoudige onbepaaldheid te definiëren.

Kon Tao uitgesproken worden, het zou het eeuwige Tao niet zijn.
Tao is eeuwig en kan niet met een naam genoemd worden,
het keert immer terug naar het niet-zijn.

Je nadert Tao en je ziet niet zijn begin.
Je volgt het en je ziet niet zijn einde.

Hij, die het begin van het oorspronkelijke kent,
heeft de draad van Tao in handen.’

2 Woe wei

De methode om je te verbinden met de kracht van Tao, noemde Lao Tse: woe wei, dat wil zeggen: niet-doen, wat overigens iets heel anders is dan niets doen. Woe wei, niet-doen, betekent niet een soort inactieve passiviteit. Woe Wei betekent dat in het leven van de zoeker een koers wordt gekozen waarbij de kandidaat zo weinig mogelijk afwijkt van zijn spirituele doel, van Tao.

Want afwijkingen van deze koers zouden schadelijke afleidingen naar links of naar rechts veroorzaken en emotionele en mentale belemmeringen tot gevolg hebben, en ongewenste schommelingen veroorzaken in het evenwicht tussen geest, ziel en lichaam.

Boeddha stelde dat we de weg van het midden moeten volgen. Alleen als ons innerlijke wezen vrede vindt, en de stormen van de wereld tot bedaren komen, kan Tao herkend en gekend worden. In de Tao Te King, staat:

‘Daarom zal de mens die zijn levenshouding aanpast in overeenstemming met Tao, gelijk worden aan Tao.’

Hij schept zo ruimte in zijn wezen en zal rust leren kennen, doordat hij niet langer vurig al zijn aardse doelen nastreeft. Tegelijkertijd zal hij de volheid van Tao ervaren.

Hij is als de gezuiverde, lege vaas, die klaar is om het levende water van de oorspronkelijke geest te ontvangen. Het is hem dan toegestaan dit water aan anderen te geven om de spirituele dorst van andere zoekers te lessen.

‘Blijf dicht bij de vaas om zijn kleuren bekend te maken.’

Wijd je, nederig en stil en in zelfopoffering aan deze innerlijke graal. Dan mogen wij de prachtige, serene kleuren en aspecten van de vaas, de graal, aan anderen bekend maken, zodat zoekers op een dag in staat zullen zijn om hetzelfde pad te volgen.

Van een zoeker is hij dan een vinder geworden. Al is hij onmetelijk rijk geworden aan spirituele schatten; zo iemand zal zich nooit overgeven aan trots hierover. Hij zou onmiddellijk de uitstraling van de vaas bederven. Daarom zegt Lao Tse (in strofe 9):

‘Raak de gevulde vaas niet aan.
Betast niet het scherp van een lemmet.
Wens niet de kamer vol goud en edelstenen te behouden
Wie trots is op zijn rijkdom zal ongeluk ondervinden.
Wanneer het werk is volbracht en de naam gemaakt,
moet men zich terugtrekken.
Dat is de hemelse weg.’

3 Lege ruimte

In de Tao Te King, vestigt Lao Tse de aandacht op wat wij doorgaans ‘lege ruimte’ noemen.
Hij schrijft (in strofe 11):

‘De spaken van een wiel verenigen zich rond de naaf,
maar alleen vanwege de lege ruimte is zij van nut.

De vaas is uit klei gekneed,
maar alleen vanwege de lege ruimte is zij van nut.

Deuren en ramen zijn gemaakt ten dienste van het te bouwen huis,
maar alleen vanwege de lege ruimte zijn zij van nut.

Daarom: het zijn, het materiële, heeft zijn voordeel,
maar van het niet-zijn, het immateriële, hangt het eigenlijke nut af.’

Jan van Rijckenborgh schrijft over deze tekst:

‘Ieder mens staat als het ware in het centrum van een wiel. Elke microkosmos, elke ziel staat in het centrum van het Al-gemanifesteerde want de zon en de hemellichamen sturen hun stralen naar je toe, die komen allemaal bij jou samen.

De energiebron waaruit dit voortkomt, bepaalt de kwaliteit, de capaciteit en de potentie van wat zij zichtbaar wil maken. De vaas is de graal, de grote fontein van het hart. In deze graalbeker is de roos van het hart verborgen.

Dit hart van ons is inderdaad ‘gevormd uit klei’, gemaakt van de substantie van de natuur.
Het kan alleen van nut zijn voor een mens als deze de lege ruimte vult vanuit de onzichtbare ruimte, vult met de Gnosis en dit kan alleen gebeuren als het hart gezuiverd is.

4 Verlichting

Lao Tse spreekt over verlichting in zijn drieëndertigste hoofdstuk:

‘Hij die de mensen kent is verstandig, maar hij die zichzelf kent is verlicht
Hij die anderen overwint is sterk, maar hij die zichzelf overwint is almachtig

Hij die zich weet te matigen is rijk
Maar hij die vervuld is van energie heeft kracht van wil
Hij die niet afwijkt van zijn wezenlijke aard zal lang leven
Maar hij die sterft en toch niet verloren gaat, geniet het eeuwige leven.’

En Jan van Rijckenborgh gaat verder:

De kern van dit alles is de mogelijkheid, zelfs de noodzaak voor ons om een mysterie te ontsluieren, dat bestaat uit de volgende stappen:

  • De eerste is het kennen van zichzelf, waaruit verlichting volgt
  • De tweede is zichzelf overwinnen, waardoor men almachtig wordt
  • De derde is het ontsluiten van een nieuwe vorm van energie, waardoor het magische vermogen van de geestelijke wil wordt opgewekt
  • En de vierde is het binnentreden in het eeuwige nieuwe leven, dat geschiedt wanneer het einde van de reis door de materie is bereikt.

muziek

Hoe verkrijgt men zelfkennis en wordt men dus verlicht? En wat betekent het om verlicht te zijn?
Om echte antwoorden op deze vragen te vinden, moet men gedronken hebben uit de bittere beker van de ervaring. Want het is de ervaring die vragen in het menselijk hart doet opwellen als:

Wat is het doel van mijn leven?
Wat betekent het werkelijk om mens te zijn?
Wat is de bestemming van de mensheid?

De bestudering van deze vragen leidt tot de ontdekking dat onze persoonlijkheid slechts een deel is van het gehele wezen dat wij zijn. Het is bedoeld om als basis te dienen voor de ontwikkeling van de ware mens. Wanneer de zoeker dit eindelijk begrijpt, dan zal een punt van contact, latent in de persoonlijkheid, ontwaken en beginnen te bloeien: de roos in het hart.

Vanuit deze roos zal een stem beginnen te klinken, de stem van de monadische vlam, het deel van de hogere mens dat via de ziel verbonden moet worden met de lagere mens, waardoor de samenstelling van de lagere mens zal veranderen en getransfigureerd zal worden. Dat is wat het betekent om verlicht te zijn. Pas dan zal er kennis zijn van het ware zelf en kennis van het Goddelijke. Dan verstaat men werkelijk de uitspraak: ‘Voorwaar, het Koninkrijk Gods is binnenin u’.

muziek

We zijn aan het einde gekomen van deze bezinningsbijeenkomst.

Tao, de Universele Kracht, is om ons heen en in ons.
Het is de leidende en regenererende Hulp op ons Pad
om weer een waarlijk Goddelijk menselijk wezen te worden.
Moge haar invloed in ons steeds sterker worden.

Dank voor uw aandacht.

BESTEL DE CHINESE GNOSIS

LEES OVER DE BOVENSTAANDE BOEKEN EN E-BOOKS OVER TAO