Zeven bronnen van koninklijk weten in de Symposionreeks – een nieuwe burcht van de waarheid bouwen

Wat is het doel geweest van de zeven symposia die wij in de afgelopen jaren  in het conferentiecentrum Renova hebben kunnen houden. De proloog van die zeven dagen was in 2009, toen we met meer dan 850 mensen bijeen waren met zeven hedendaagse spirituele organisaties die zich tot het innerlijke bewustzijn van de mens richten. Zij deden dit vanuit het besef dat het wereldhart – de wereldziel waarover Plato sprak, de goddelijke geest – de essentie is waarvan een steeds krachtiger impuls uitgaat die mensen met elkaar verbindt en de ogen en harten opent voor een zinvolle ontwikkeling in het menszijn.

De titel van die dag was aanstekelijk en voor iedereen waar en herkenbaar: Geroepen door het Wereldhart. De zeven jaar die daarna volgden, hebben we ons verdiept in de bronnen van ‘koninklijk weten’ zoals Boehme het uitdrukt, bronnen uit:

  1. Egypte, Hermes en uit Alexandrië met de Gnosis van de oudheid van Philo en Valentinus.
  2. India met zijn Brahmaanse Veda’s en de wijsheid van de Boeddha
  3. China met zijn taoïstische alchemie
  4. Israël en Judea en de scherpzinnige karakters van de Kabbalah en van de tien sephiroth, de levensboom,
  5. Perzië met zijn schitterende dansende lyriek en vervoering op weg naar de Al-Ene,
  6. en die wij dan vandaag met deze hommage aan Universele Gnosis tot een afronding brengen.

De eerste symposiondag werd afgesloten met enkele stellingen in een gezamenlijke slotverklaring. Ik citeer daaruit: ‘Denk met uw geest over uzelf, ken uzelf. Wie zichzelf kent, kent het Al, het Al is in de mens.’

Vandaag draagt onze dag het motto:
Je hart een cirkel: middelpunt
Je wereld overal: omtrek.
Het al in je hart: onbegrensd.

Het zal u niet zijn ontgaan dat er zich in de samenleving een scheiding is begonnen in te zetten. Er zijn er die ,et inzet van al hun kunnen en kunde proberen de aarde en de mens verdraagzamer te maken. En er zijn er die daar het volstrekte tegendeel van trachten te bewerkstelligen. Het is de vraag of de wijsheid van de eeuwen , die wij in de afgelopen jaren in ons midden hebben geplaatst, nog krachtig genoeg is om voldoende harten te bereiken om het tij te keren.

Uit dit gegeven kunt u de achtergrond van ons motto gemakkelijk begrijpen. Als je hart bewust middelpunt werd, werken daarin alle hogere energieën samen om de belofte van Mens zijn voor gevorderden waar te maken. Als je wereld overal is, omvat je hart alle groeperingen, de gehele mensheid, beide, goed en kwaad, en als het onbegrensd is, tilt het allen, in bewustzijn, uit boven deze tegenstellingen. Als u zo met uw geest over uzelf kunt denken, zichzelf zo kunt waarnemen, transformeert alle wijsheid van de voorgaande perioden in een actuele stroom van liefde, bewustzijn, gnosis, die zich via u manifesteert.

Een mens is een bijzonder wezen. Elke dag maakt hij de gang van een heel leven mee met opstaan, leven, een terugblik, en aan het einde van de dag moet hij gaan liggen. Zo is het sterven ook. Het leven een dag, en een nieuwe dag. Nooit leeft u niet.

Onze lineair werkende hersenen houden ons voor dat we er op enig moment niet meer zullen zijn. Maar is dat geen geweldige misleiding? Is dat niet een truc, om ons vooral te leren vasthouden aan wat we denken te hebben, maar waarvan de eigenschap vooral is dat het ons vasthoudt? En terwijl ons denken ons voorspiegelt dat het morgen beter wordt, is het tegenovergestelde waar. Want het leven leert ons dat we ouder worden, langzamer, minder goed kunnen horen, zien, onthouden, dat we nog slechter luisteren dan vroeger en dat onze dynamiek met het klimmen van de jaren afneemt – terwijl onze berusting daarover toeneemt.

Nu is het zo, dat wij dat wat wij aan onszelf waarnemen, bepalend maken voor wat wij om ons heen zien. Zo wordt, al sinds de dagen van Socrates, met iedere generatie die op het aardse speelveld verschijnt de jeugd steeds slechter genoemd en doordat zij zelf slechter wordt, ontvliedt bij ouderen de hoop op een betere samenleving, een betere maatschappij.

En het is waar, er is een tijd voor alles, en alle dagen hebben hun eigen kleur. Maar wij zouden dat geen wijsheid willen noemen. Liever ontlenen wij onze wijsheid aan de Confessio van onze Broederschap en volgen hun raad: een nieuwe burcht der waarheid te bouwen! Zij beweert immers dat uit alle voorgaande wijsheid en overwegingen welke door de menselijke intelligentie, hetzij door goddelijke openbaring, of door de hulp van engelen en geesten – ook al zou al het geschrevene vergaan – zijn voortgebracht, alleen daaruit reeds de fundamenten van een nieuwe wetenschap en een nieuwe burcht van de waarheid opgetrokken kunnen worden.

Bron: Het hart dat weet, symposionreeks 39, slotvoordracht van Peter Huijs

BESTEL HET HART DAT WEET

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *